Debat in de Tweede Kamer op 23 juni 2010
Debatitem
De heer Brinkman heeft mij verzocht u te melden dat hij zich laat verontschuldigen voor het eerste halfuur van dit debat, omdat hij elders in dit gebouw een ander debat voert.
De algemene beraadslaging wordt geopend.
23 juni 2010 omstreeks 10:15 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. De Eerste Kamer is als een oude leeuw die het nog wel kan, maar er bijna nooit meer zin in heeft. De Eerste Kamer is als een oude opa die leuk is voor de kleinkinderen, maar geen verantwoordelijkheid draagt voor de opvoeding. De Eerste Kamer is als een oude gymnasiast die in een spagaat ligt en niet meer weet hoe hij daar nog uit moet komen.
Ik zou dat nooit durven zeggen over onze collega's aan de overkant van het Binnenhof. Dit zijn typeringen van Eerste Kamerleden zélf, van oud-senatoren van GroenLinks, D66 en de VVD. Het waren wel heel liberale senatoren, zoals u hoort. Dat laat ik aan hen, maar wij vergeten soms wel eens dat wij maar de helft van de Staten-Generaal zijn. Aan de overkant huist de Eerste Kamer. Die wordt niet rechtstreeks gekozen zoals wij, maar indirect door de leden van de provinciale staten. In macht doet de andere helft van de Staten-Generaal nauwelijks onder voor ons. Alle wetten die wij hier goedkeuren, kunnen evengoed aan de overkant worden afgekeurd. Onze Eerste Kamer is een bescheiden maar machtig instituut. Het is weer actueel: geen regering kan regeren zonder de steun van de senaat.
Bij de afgelopen verkiezingen waren 62.773 stemmen nodig om een zetel te halen in de Tweede Kamer. 15.694 stemmen waren nodig om met voorkeur in deze Kamer te worden gekozen. Om gekozen te worden in de Eerste Kamer zijn met de huidige voorkeursdrempel twee stemmen voldoende als je twee statenleden in Zuid-Holland achter je krijgt, of drie statenleden in Noord-Holland, Noord-Brabant of Gelderland. Een statenlid kan met steun van één of twee bevriende statenleden eenvoudig zichzelf in de Eerste Kamer der Staten-Generaal laten kiezen. Dat is wat te gemakkelijk, zo dachten ook de dames en heren senatoren. Verschillende fracties zien zich na verkiezingen geconfronteerd met de verkiezing van kandidaten die door hun partij op een niet-verkiesbare plek zijn gezet. Samenspel van slechts enkele statenleden kan de samenstelling van de nationale volksvertegenwoordiging beïnvloeden. De senaat oordeelde, in overleg met de regering, dat dit ongewenst is. De leden hebben in al hun wijsheid voorgesteld om de voorkeursdrempel voor de verkiezing van de leden van de Eerste Kamer te schrappen. Alleen kandidaten die minimaal het aantal stemmen halen dat daadwerkelijk nodig is voor het behalen van een zetel, zouden in de Eerste Kamer mogen worden gekozen. De regering heeft dit advies ter harte genomen en in een wetsvoorstel omgezet. Dat wetsvoorstel zullen wij van harte steunen.
Na de verkiezingen van de provinciale staten is met grote zekerheid uit te rekenen hoeveel zetels een partij in de Eerste Kamer haalt. Ook is eenvoudig uit te rekenen welke lijstverbindingen welke partijen een extra zetel opleveren door na de verkiezingen door de provinciale staten alsnog een lijstverbinding aan te gaan. Dat heeft niets te maken met democratie. De verkiezingen voor de Eerste Kamer zijn vooral een wedstrijd in rekenkunde. Het getuigt van politieke zelfkennis dat de Eerste Kamer heeft voorgesteld om een einde te maken aan deze parlementaire rekenkunde. Verschillende mogelijkheden zijn verkend, maar uiteindelijk heeft de staatssecretaris besloten om de mogelijkheid van lijstverbinding voor de verkiezing van de Eerste Kamer te willen schrappen. Ook dit voorstel kan rekenen op de steun van de senaat en op de steun van de SP-fractie.
Een ander probleem dat de staatssecretaris op verzoek van de Eerste Kamer wil aanpakken, is de ongelijktijdigheid van de verkiezingen voor de senaat. Op het moment dat in de ene provincie al verkiezingen zijn gehouden, maar in de andere provincie nog niet, zou de uitslag in de ene provincie het stemgedrag in de andere provincie kunnen beïnvloeden. Door de verkiezing op dezelfde tijd te houden, wordt dit strategisch stemgedrag voorkomen. Ook dit voorstel kunnen wij dus van harte steunen.
Een ander probleem is echter nog niet opgelost. De Antilliaanse eilanden Bonaire, Saba en Statia worden, als alles goed gaat, onderdeel van Nederland. De bewoners van deze eilanden moeten ook indirect hun stem kunnen uitbrengen op de Eerste kamer. De staatssecretaris heeft dit mogelijk gemaakt door de eilandsraden een stem te geven in de samenstelling van de Eerste Kamer. Wij hebben hier onlangs nog uitgebreid over gedebatteerd en wij hebben de staatssecretaris toen ervan overtuigd dat hiervoor een herziening van de Grondwet noodzakelijk is. Die herziening heeft zij toegezegd en daar zie ik met zeer veel interesse naar uit. Ik neem aan dat die ruimschoots voor het reces binnen kan zijn.
Een ander probleem is daarmee echter nog niet opgelost. Niet-Nederlanders kunnen op Bonaire, Saba en Statia stemmen voor de eilandsraden. Doordat de eilandsraden de Eerste Kamer kiezen hebben deze niet-Nederlanders invloed op de samenstelling van de Staten-Generaal. In de rest van Nederland hebben niet-Nederlanders die mogelijk niet. Nu kunnen wij best een discussie hebben over het stemrecht van niet-Nederlanders, maar naar de opvatting van de SP kan het niet om het stemrecht voor niet-Nederlanders via de achterdeur van de staatsrechtelijke vernieuwing op de Nederlandse Antillen in te voeren. Is de staatssecretaris het met mij eens dat dit een fundamentele kwestie is die een fundamentele discussie verdient? Wanneer is zij bereid die discussie te voeren? Ik stel die vraag natuurlijk ook nadrukkelijk aan de overige fracties in deze Kamer. Gaan wij het toestaan via de achterdeur dat niet-Nederlanders stemrecht krijgen voor de helft van de Staten-Generaal, ook al is dat indirect?
Ten slotte nog iets over de positie van de Eerste Kamer. De senaat is machtig. Ze kan alle wetten afkeuren en de Tweede Kamer daarmee buitenspel zetten, maar de leden van de Eerste Kamer zijn ook bescheiden. Ik heb de eerste drie citaten al genoemd, waaruit toch een grote bescheidenheid klonk. Als indirect gekozen volksvertegenwoordiger stellen zij -- ik kan dat ook uit eigen ervaring zeggen -- zich vaak terughoudend op, ook als er Kamerbreed veel kritiek is op de kwaliteit en de uitvoerbaarheid van wetten. Het is ook nogal wat om een beslissing die door de Tweede Kamer is genomen, als Eerste Kamer terug te draaien, hoewel ik moet zeggen dat dit sommige belangengroepen, sommige lobbygroepen in de Eerste Kamer wonderbaarlijk goed lukt. Misschien is onze Eerste Kamer wel te machtig en te machteloos. Misschien moet er een tussenweg komen tussen het goedkeuren en het afkeuren van een wet. Wat vindt de staatssecretaris van het voorstel van de SP, een voorstel dat ook al door anderen is gedaan, om de Eerste Kamer een terugzendrecht te geven? Op het moment dat de leden van de Eerste Kamer menen dat een wet kwalitatief onder de maat is of in de praktijk onuitvoerbaar is, zou men het recht moeten hebben om deze met hun commentaar terug te sturen naar de Tweede Kamer. Die krijgt vervolgens de mogelijkheid om de wet wel of niet aan te passen en opnieuw aan de Eerste Kamer voor te leggen.
23 juni 2010 omstreeks 10:15 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
De bijdrage van de heer Van Raak is interessant, zoals altijd. Hij is ex-Eerste Kamerlid. Toen hij begon over de positie van de Eerste Kamer dacht ik: nou, dat is een mooie introductie om te komen bij het onderwerp van vandaag, namelijk een geringe aanpassing van de Kieswet. Echter, nu aan het einde van zijn betoog stelt hij heel fundamentele kwesties rondom de positie van de Eerste Kamer aan de orde. Mijn vraag is eigenlijk gericht aan de voorzitter. Dit is de eerste echte vergadering nadat wij vorige week geïnstalleerd zijn. Zullen wij nu niet met elkaar afspreken dat wij onderwerpen die niet op de agenda staan ook niet bespreken? Dit is echt een onderwerp dat buiten het kader valt van het wetsvoorstel dat vandaag aan de orde is. Ik wil graag met de heer Van Raak op ieder moment ook over deze kwestie debatteren, maar dan wil ik mij daar wel ordentelijk op kunnen voorbereiden en mij er met mijn collega's in kunnen verdiepen. Dus ik verzoek u, mijnheer Van Raak, om deze vragen nu niet aan de staatssecretaris te stellen maar om deze te bewaren voor een meer geschikt moment.
23 juni 2010 omstreeks 10:27 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
De heer Heijnen vindt dat het buiten de orde is. Daar komt het eigenlijk op neer.
23 juni 2010 omstreeks 10:28 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Dit is het eerste debat van de nieuwe Kamer. Ik vond het juist belangrijk om de zaak eens wat breder te trekken. Misschien verschillen de heer Heijnen en ik daarin van mening, maar ik vind het heel belangrijk dat als hier zaken besproken worden om dat ook vrij fundamenteel te doen. Ik heb overigens wel een onderscheid gemaakt ten opzichte van het probleem van het via de achterdeur introduceren van het kiesrecht voor niet-Nederlanders. Dat hebben wij uitgebreid in de Kamer al eerder besproken. Daarover heb ik ook de vraag gesteld aan de heer Heijnen. De nu voorliggende vraag heb ik echter alleen gesteld aan de staatssecretaris. Niet omdat ik haar per se hoger acht dan de heer Heijnen, maar omdat ik aanneem dat de staatssecretaris overal op is voorbereid. Zij representeert hier de regering en die weet alles.
23 juni 2010 omstreeks 10:29 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Toch blijft een beetje het probleem dat het niet op de agenda staat. Daar heeft de heer Heijnen wel een punt. Ik zie andere leden ook knikken. Het is wel goed dat wij hier met elkaar van tevoren beslissen waar we het over gaan hebben en het daar ook een beetje bij houden. Ik denk dat de staatssecretaris zou moeten overwegen om zich te beperken tot de onderwerpen die op de agenda staan, want anders hebben we inderdaad een veel breder debat dan wij van tevoren voorzien hadden.
23 juni 2010 omstreeks 10:30 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Bij verkiezingen moeten procedures staatsrechtelijk verantwoord en zorgvuldig zijn, anders ontstaat er commotie en dat doet afbreuk aan de democratische legitimatie. Commotie is het laatste wat we moeten hebben. Bij de laatstgehouden gemeenteraadsverkiezingen hebben we gemerkt waar deze toe leidde. Dat willen we gewoon niet, want het is een democratisch voorrecht dat een feest moet zijn en geen gedoe.
De verkiezingen van de Eerste Kamer van 2007 leidden ook tot een aantal kritische beschouwingen. Het is een democratisch recht van een kiezer om een voorkeurstem uit te brengen, zo ook voor het lid van provinciale staten dat de voorkeurstem uitbrengt bij de verkiezing van de Eerste Kamer. Aangezien er sprake is van een gewogen stemming, waar de heer Van Raak ook op duidde, vertegenwoordigt een lid van provinciale staten uit een grote provincie met veel inwoners een groter aantal stemmen dan zijn collega uit een kleinere provincie. Daardoor zijn de kansen op beïnvloeding met voorkeurstemmen niet gelijk. In de Eerste Kamer is dit opgemerkt en in een motie vastgelegd om hier verandering in aan te brengen. Alleen kandidaten die de kiesdrempel halen, worden geacht rechtstreeks gekozen te zijn. Deze wetswijziging beoogt dat en de CDA-fractie steunt dat, omdat dat meer recht doet aan de gelijkwaardigheid van de leden van provinciale staten en toch het recht om een voorkeurstem uit te brengen wordt gerespecteerd.
Dan de lijstverbindingen. In het verslag heeft onze fractie zich kritisch uitgelaten over de mogelijke interpretatie van artikel 55 van de Grondwet. Ook dit punt is in de vaste commissie voor Binnenlandse Zaken van de Eerste Kamer uitvoerig besproken. Wij hadden de indruk dat een aantal leden van deze commissie zich vrij voelde om de bedoeling van de grondwetgever te nuanceren. Laat ik er duidelijk over zijn, de tekst van dit grondwetsartikel beoogt het indirecte karakter van de Eerste Kamer vast te leggen. Daarbij hoort wat de CDA-fractie betreft niet welke mogelijkheid dan ook om na de verkiezingen van provinciale staten nog verkiezingshandelingen te verrichten. De regering geeft duidelijk aan dat allerlei alternatieven zijn onderzocht, waarbij staatsrechtelijke bezwaren niet volledig werden weggenomen. Ook de Raad van State is deze mening toegedaan. Wij voelen dan ook wel voor het voorstel om de mogelijkheid tot het aangaan van een lijstverbinding te schrappen. Ik vraag de staatssecretaris wel om nog eens in te gaan op de vraag waarom het ongewenst is om deze situatie te laten voortbestaan. Wat is de consequentie daarvan? Is het volledig schrappen van het aangaan van lijstverbindingen ook als zodanig besproken in de Eerste Kamer?
Wij zijn enthousiast over de mogelijkheid tot centrale inlevering van de kandidatenlijsten bij de Kiesraad als centraal stembureau. Dat scheelt enorm veel werk. Ik heb dit zelf ook een keer als Statenlid gedaan en ik was diep onder de indruk van wat er allemaal moest gebeuren, en dat twaalf keer, dus het is prachtig als dat maar een keer hoeft. Toen ik dat las, dacht ik: bingo, dat lijkt mij een goed idee. Het is goed dat dit centraal kan.
De resterende wijzigingsvoorstellen in verband met het geven van een goede briefstembureauprocedure voor militaire missies kunnen ook op onze steun rekenen. Wij hebben voortdurend overal missies en daarover hebben we al vaker gesproken. Het wettelijk vastleggen van een vast tijdstip waarop leden van provinciale staten de leden van de Eerste Kamer kiezen, kan ook op onze steun rekenen.
23 juni 2010 omstreeks 10:31 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Mevrouw de voorzitter. Laat ik eerst de heer Van Raak nog eens bedanken voor zijn warme en evenwichtige woorden over de Eerste Kamer. Fijn dat hij daar aandacht voor heeft gevraagd.
Ik zal mij beperken tot het wetsvoorstel dat nu voorligt. Daarin is naar de mening van de fractie van D66 een aantal dingen uitstekend geregeld.
Dit geldt in de eerste plaats voor de motie Pechtold die beoogde dat militairen op missie per brief kunnen stemmen. Dat is fantastisch. Het tweede punt dat prima is geregeld, is dat in de verschillende provincies op hetzelfde tijdstip moet worden gestemd. Geweldig.
Het derde punt is de werkelijke reden waarom de Eerste Kamer dit hele spel heeft geïnitieerd, namelijk de aanpassing van artikel A 9, derde lid, waardoor de "helft van de kiesdeler" wordt vervangen door "gelijk aan de kiesdeler". Dit voorkomt een hoop problemen en pokerspel met voorkeursstemmen. Het voorkomt ook dat een partijdemocratie wordt afgezet tegen een democratie die twee statenleden onderling met elkaar bepalen. Tot slot voorkomt het allerlei vormen van cliëntelisme. Het is goed dat dit is geregeld.
De vierde wijziging, het aangaan van lijstcombinaties, ligt bij mijn fractie iets problematischer. Partijen die een soort verwantschap met elkaar hebben, kunnen administratief samenwerken in het kader van de verdeling van de restzetel. De vraag is wanneer dit mogelijk is, vóór of na de provinciale statenverkiezing.
De eerste oplossing van de regering was in mijn ogen wat vreemd. Zeven provincies moeten partijcombinaties aangaan en dan pas mag dit ook voor de Eerste Kamer gelden. Ik ben blij dat het kabinet van dit onzalige pad is afgeraakt, maar de oplossing die nu wordt voorgesteld in de nota van wijziging, het geheel schrappen van de lijstverbinding, vind ik eigenlijk ook raar en onwenselijk. Ik heb daar een paar argumenten voor. Ten eerste is het nadelig voor de kleine partijen. Ten tweede worden typisch provinciale partijen ernstig benadeeld. Ik denk bijvoorbeeld aan de Onafhankelijke Senaatsfractie in de Eerste Kamer en er komen er wellicht meer. Daarmee kom ik dan gelijk op mijn derde argument: het zet een rem op de pluriformiteit in de Eerste Kamer. Daarom vraag ik aan de staatssecretaris waarom het kabinet er niet voor kiest om het te laten zoals het nu is.
Mijn conclusie: dit is een primawetswijziging op een groot aantal onderdelen, maar alleen op het punt van het schrappen van de lijstcombinaties word ik graag nog eens overtuigd of wellicht zie ik in de inbreng van andere sprekers nog adequate oplossingen.
23 juni 2010 omstreeks 10:37 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Dat de fractie van D66 de dingen wil laten zoals ze zijn, zou ik over het algemeen een fantastisch uitgangspunt vinden, maar in dit geval gaat dit niet op. Deze wijziging heeft namelijk betrekking op democratie. Wat is er democratisch aan de mogelijkheid om na de verkiezingen een lijstverbinding aan te gaan? Als dit vóór de verkiezingen gebeurt, kan ik mij daar alles bij voorstellen, want dan ga je gezamenlijk naar de kiezer toe. Dit heeft echter niets te maken met democratie, dit is gewoon rekenkunde. Als de verkiezingsuitslag bekend is, ga je nog eens rekenen en dan reken je zo dat als je met die een lijstverbinding aangaat of met die en die, die of die een extra zetel krijgt. Wat is daar nu democratisch aan?
23 juni 2010 omstreeks 10:41 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
De inbreng van de heer Van Raak stelt mij een beetje teleur. Ik had gehoopt dat hij hier de afgelopen jaren had geleerd om te debatteren op de inhoudelijke argumenten die worden ingebracht. Ik heb er drie genoemd: het is een nadeel voor kleine partijen, het beperkt de pluriformiteit en het beperkt ook de typisch provinciale partijen die in de provincie worden gekozen. Dit zijn alle drie democratie argumenten en de heer Van Raak stelt daar een heel plat verhaal tegenover. Dat mag, dat is zijn goed recht, maar wil hij nu ook nog ingaan op die drie inhoudelijke argumenten?
23 juni 2010 omstreeks 10:42 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Dat klopt en die discussie is ook gevoerd in de Eerste Kamer en in het kabinet. Er zijn verschillende mogelijkheden verkend om aan die drie bezwaren tegemoet te komen, maar dat bleek heel ingewikkeld te zijn. Daarom stel ik twee vragen aan de heer Schouw. In de eerste plaats welke alternatieven hij nu ziet, want het handhaven van de huidige situatie is natuurlijk geen oplossing. Dat is geen democratische oplossing; dat is geen democratie maar rekenkunde. Welk alternatief is volgens de fractie van D66 beter en als geen van de alternatieven beter is, waarom kiest zij dan niet voor schrappen?
23 juni 2010 omstreeks 10:43 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Laat ik eerst even het waarom van deze wetswijziging in herinnering brengen. Het belangrijkste, prominente punt waren de voorkeursstemmen. Dat is nu geregeld. Nu blijft een klein punt over, dat te maken heeft met de lijstencombinaties. Lijstencombinaties werken heel goed voor de kleine partijen. Laten we dat dus maar handhaven. Als u het grote democratieargument inbrengt, komt u eigenlijk terecht bij het punt dat u net maakte: dan moet er ook wat principiëler worden gepraat over de directe verkiezing van de Eerste Kamer. Welnu, zo ver zijn we nog niet. Het is fijn om daarover te praten, maar ik zie daarvoor geen meerderheid. Laten we nu daarom pragmatisch kijken naar wat we hebben: een systeem van lijstencombinaties, dat heel goed is voor de kleine partijen, deze soms aan een restzetel helpt -- het heeft D66 de vorige keer aan een restzetel geholpen -- en bevordert dat provinciale partijen goed kunnen zijn vertegenwoordigd in de Eerste Kamer. Al met al lijkt mij dat erg prettig.
23 juni 2010 omstreeks 10:44 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Het is leuk om te zien hoe deze twee ex-Eerste Kamerleden debatteren. Mij viel op dat het ene ex-Eerste Kamerlid achter het katheder, de heer Schouw, erin slaagt om geen antwoord te geven op de vraag van het andere ex-Eerste Kamerlid, de heer Van Raak. De eerste herhaalt namelijk de voordelen van het in stand houden van de lijstverbindingsmogelijkheid, en noemt twee argumenten tegen de voorkeursstemmenregeling zoals deze tot nu toe gold: cliëntelisme en pokerspel. Is de heer Schouw niet met mij eens dat hetzelfde geldt voor de mogelijkheid van lijstverbinding na de provinciale statenverkiezing?
23 juni 2010 omstreeks 10:46 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Nee, dat ben ik niet met u eens. Voorkeursstemmen vind ik een heel ander onderwerp dan lijstverbindingen. Het is heel gek -- en daarop hadden we eerder bedacht moeten zijn -- dat twee statenleden een partijdemocratie, met een keurig opgestelde lijst, in de war kunnen gooien. Dat is niet mijn definitie van hoe een democratie in elkaar hoort te zitten, dus het lijkt me erg verstandig als hierin iets wordt veranderd.
Bij de lijstverbindingen zie je vaak dat politieke partijen met een bepaalde politieke verwantschap zo'n lijstverbinding aangaan. Stel dat deze politiek haaks op elkaar zouden staan, maar toch een lijstverbinding zouden aangaan; dan hebben zij wat uit te leggen aan de kiezer. Eerlijk gezegd, hoeven wij dat hier niet te regelen. Het is hun eigen verantwoordelijkheid om dat goed te regelen.
23 juni 2010 omstreeks 10:47 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Dit komt in de buurt van een antwoord, maar in de huidige praktijk is het niet uitgesloten dat partijen die geen ideologische verwantschap hebben, na verkiezingen elkaar opzoeken, puur vanwege rekenarij en hogere wiskunde, en op basis daarvan een lijstverbinding aangaan. Wilt u dat voortaan proberen te voorkomen, of niet?
23 juni 2010 omstreeks 10:48 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Misschien moet ik u hiervoor even inzicht geven in hoe dat gaat in de Eerste Kamer. Ik heb dat zelf twee keer meegemaakt en ik kan me niet herinneren dat politieke partijen die met hun gedachtegoed haaks op elkaar staan, met elkaar een lijstverbinding zijn aangegaan; dan hebben ze immers echt wat uit te leggen aan hun achterbannen. Ik acht politieke fracties werkelijk wijzer dan dat.
23 juni 2010 omstreeks 10:49 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Voor de SGP-fractie geldt dat zij met betrekking tot een groot aantal onderdelen van dit wetsvoorstel geen bezwaar heeft en dat zij zich daarin kan vinden: het aanpassen van de voorkeursdrempel naar honderd procent, het kiezen van een vast tijdstip voor de verkiezingen in Nederland op de BES-eilanden en het inrichten van een briefstembureau op militaire bases. Het is heel goed dat ook dit laatste punt wordt geregeld; dat was een wens die in de Kamer breed leefde en vooral door de D66-fractie naar voren werd gebracht.
Tegen één onderdeel hebben wij wel fundamentele bezwaren: het afschaffen van de mogelijkheid tot aangaan van lijstencombinaties. Met name daarop wil ik me dan ook richten. Het wetsvoorstel dat wij nu behandelen, is in de loop van de tijd sterk veranderd. Sterker nog, er wordt nu gesproken over de wijziging van de Kieswet, houdende een beperking van de mogelijkheid tot aangaan van lijstencombinaties, maar eigenlijk betreft dit het algeheel afschaffen daarvan.
Wij vinden het geen goed voorstel, omdat het probleem van de rekenarij vrij beperkt is, terwijl de oplossing van algehele afschaffing forse nadelen heeft en dan in het bijzonder voor kleine partijen bij de restzetelverdeling. De heer Schouw noemde terecht het argument dat het een rem zet op de pluriformiteit. Het middel is kortom erger dan de kwaal.
Als het voorstel wordt aangenomen, is de verkiezing van de Eerste Kamer de enige verkiezing waarbij een lijstverbinding niet mogelijk is. Dat is heel typisch en bijzonder en ik vraag mij af of daarvoor doorslaggevende argumenten aan te dragen zijn. Ik wijs er verder op dat ook de Kiesraad in eerste instantie niet adviseerde om de mogelijkheid van de lijstverbinding helemaal af te schaffen. De Kiesraad voerde daarbij als argument onder meer de directe consequenties voor vooral kleine partijen bij de zetelverdeling aan. De Kiesraad gebruikte dit argument dus ook nadrukkelijk als een tegenargument.
De veronderstelling achter het wetsvoorstel dat het onwenselijk is om op grond van de uitslag van de provinciale statenverkiezingen de uitslag van de Eerste Kamerverkiezingen te sturen is begrijpelijk. Ook de argumenten van de heer Van Raak wil ik niet uitvlakken, maar wij moeten het ook weer niet overdrijven. Het kenmerk van de Eerste Kamerverkiezingen is namelijk wel dat ze indirect zijn. De statenleden gaan uiteindelijk zelf over hun stem en over de wijze waarop zij met hun stem een zo goed mogelijke uitslag van de Eerste Kamerverkiezingen kunnen bewerkstelligen. Politieke of ideologische verwantschap kan een belangrijke rol spelen bij de wens om een extra zetel voor de eigen of een verwante partij te krijgen.
23 juni 2010 omstreeks 10:49 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Het zijn inderdaad indirecte verkiezingen. De heer Van der Staaij moet het volgens mij toch ook vreemd vinden dat een lijstverbinding na de verkiezingen wordt aangegaan. Als twee partijen in de normale situatie een lijstverbinding aangaan, dan kunnen de kiezers daarover oordelen. Zij nemen dat mee in hun afweging om wel of niet op een bepaalde partij te stemmen: als zij met die gaan, dan doe ik het niet. Als je een lijstverbinding pas na de verkiezingen aangaat, is dat natuurlijk helemaal niet het geval. Het valt mij tegen dat de heer Van der Staaij desondanks kiest voor rekenkunde en niet voor democratie. Ik snap zijn bezwaren wel. De rechten van minderheden speelden gisteren in het debat over de verkiezing van de Voorzitter niet voor niets zo'n belangrijke rol. Het lijkt mij echter heel moeilijk om vol te houden dat het acceptabel is dat na de verkiezingen een lijstverbinding kan worden aangegaan.
23 juni 2010 omstreeks 10:54 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
De heer Van Raak moet zaken wel helder van elkaar onderscheiden. Hij bedoelt namelijk het aangaan van een lijstverbinding na de provinciale statenverkiezingen. Laten wij wel zijn: de lijstverbindingen voor de provinciale statenverkiezingen moeten tijdig voor de verkiezingen bekend worden gemaakt. Pas als de provinciale statenverkiezingen zijn afgerond, is de indirecte verkiezing van de Eerste Kamer door de statenleden aan de orde. De Kiesraad heeft naar voren gebracht dat het behoorlijk verwarrend kan zijn voor een kiezer wanneer hij hoort dat bij de provinciale statenverkiezingen een bepaalde lijstencombinatie bestaat en voor de Eerste Kamerverkiezingen weer een andere.
Het is niet terecht dat de heer Van Raak rekenkunde plaatst tegenover democratie. Het heeft namelijk allebei te maken met democratie. Ik zou het buitengewoon ongelukkig vinden dat mijn stem op de SGP indirect terechtkomt bij een partij die lijnrecht tegenover mijn partij staat, omdat een lijstverbinding niet is toegestaan. Dat zou buitengewoon ongelukkig zijn. Ik voel mij dan ook juist veilig bij de gedachte dat de mogelijkheid bestaat om na de statenverkiezingen te kijken hoe mijn stem geoptimaliseerd kan worden en dat ervoor kan worden gezorgd dat mijn stem bij een partij terechtkomt die zo nauw mogelijk verwant is aan de partij waarop ik heb gestemd bij de statenverkiezingen.
23 juni 2010 omstreeks 10:55 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Debatitem
Het omgekeerde is ook waar. Als je bij de statenverkiezingen stemt op een partij die geen lijstverbinding is aangegaan, sta je raar te kijken als die partij bij de Eerste Kamerverkiezingen opeens wel een lijstverbinding aangaat. Jouw stem kan dan immers indirect naar een partij gaan waarvoor je in eerste instantie helemaal niet had willen kiezen. Ik snap het dilemma van de heer Van der Staaij wel, maar dat dilemma heeft bij ons geleid tot de keuze om het af te schaffen, aangezien er geen overtuigende alternatieven zijn. Welk alternatief ziet de heer Van der Staaij eigenlijk?
23 juni 2010 omstreeks 10:58 via Wijziging Kieswet - Link - Delen
Titel: Wijziging Kieswet
Omschrijving: Aan de orde is het debat over wijziging kieswet.
Vergadering: Nummer (23 juni 2010)
Voorzitter: Gerdi Verbeet
Disclaimer: Uit deze ongecorrigeerde tekst mag niet worden geciteerd. Aan deze tekst kunnen geen rechten worden ontleend.
Sprekers in dit debat:
“Zou er een manier zijn om onze webwinkel nog vernieuwender te maken?”
Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken. Bijvoorbeeld om uw klanten een nog betere winkelervaring te bieden. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.
Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?