Normering bezoldiging topfunctio...

Debat in de Tweede Kamer op 1 december 2011

  1. Voorzitter

    De eerste termijn van de Kamer en de regering is reeds geweest. Er is ook een schriftelijke afdoening geweest. Ik neem aan dat twee interrupties in tweevoud voldoende is.

    1 december 2011 omstreeks 18:09 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  2. Ronald van Raak (SP)

    Voorzitter. Waarom is het toch zo moeilijk om graaiers aan te pakken? Hoe komt het toch dat we al tien jaar spreken over een wet om een publieke norm te stellen voor mensen die betaald worden met publiek geld? Zelden kost het maken van een wet zo veel tijd. Zelden ook heb ik zo veel versies van een wet, zo veel slappe conclusies en zo veel slechte compromissen voorbij zien komen, van voorstellen om te vertrouwen op schaamte of op zelfregulering tot het voorstel om het inkomen van ministers met 50% te verhogen. Plannen werden gemaakt, ingediend en weer ingetrokken.Maar terugkijkend is het ook wel goed dat het zo lang heeft geduurd, want in die tien jaar is er veel veranderd. De geest van de tijd is veranderd. Tien jaar geleden sloeg de SP met grote regelmaat alarm over gegraai aan de top, maar zij was toen een roepende in de woestijn. Nu is het koor aangewassen tot grote kracht, in de samenleving maar gelukkig ook in de Kamer. Door het maatschappelijke protest is dit wetsvoorstel beter geworden. Het enige wat we vanavond nog moeten doen, is dit wetsvoorstel goed maken. Alle partijen in de Kamer moeten kiezen. Vandaag laten we zien waar we voor staan. De politiek moet een norm stellen

    1 december 2011 omstreeks 18:09 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  3. Cynthia Ortega-Martijn (ChristenUnie)

    Voorzitter. Ik dank de minister voor de beantwoording van de vragen. Hij heeft mij niet overtuigd met zijn reactie op mijn amendement over de woningbouwcorporaties. Ik houd mijn amendement dan ook gewoon aan. Daarnaast heb ik de minister een vraag gesteld over het feit dat het wetsvoorstel geen betrekking heeft op normale en tijdelijke medewerkers. Daarover dien ik de volgende motie in.

    Motie

    De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat het wetsvoorstel niet van toepassing is op werknemers niet zijnde topfunctionarissen; van mening dat, indien er sprake is van een aanzienlijk aantal werknemers niet zijnde topfunctionarissen met een bezoldiging hoger dan een ministersalaris, dit geen recht doet aan de maatschappelijke onrust die ten grondslag ligt aan dit wetsvoorstel; verzoekt de regering, deze groep werknemers in beeld te brengen, te monitoren of deze groep toe- of afneemt en de Kamer hierover jaarlijks te rapporteren, en gaat over tot de orde van de dag.

    1 december 2011 omstreeks 18:11 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  4. Cynthia Ortega-Martijn (ChristenUnie)

    Mijn fractie heeft heel veel problemen met de maximering van 130% van een ministerssalaris. Daarom ben ik blij dat de heer Van Raak zijn amendement in stemming brengt.Ik vind het heel goed dat dit wetsvoorstel er komt, maar ik wil er bij de minister op aandringen om het te relateren aan de maximering van de balkenendenorm.

    1 december 2011 omstreeks 18:12 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  5. Pierre Heijnen (PvdA)

    Voorzitter. De Partij van de Arbeid wil ingrijpen in de topinkomens in de semipublieke sector. Deze zijn de afgelopen jaren uit de hand gelopen. Dit wetsvoorstel biedt daartoe de mogelijkheid, maar daarvoor moet het nog wel worden verbeterd. De minister waarschuwt in zijn mondelinge beantwoording, waarvoor dank, alsook in zijn schriftelijke beantwoording voor de gesuggereerde verbeteringen.Om te beginnen de zorg. De minister zegt allereerst

    Motie

    De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat de sector kinderopvang taken behartigt met een groot publiek belang binnen stringente wet- en regelgeving en voor een groot deel wordt gefinancierd met fiscale subsidies; overwegende dat de bezoldiging van bestuurders tussen de sectoren onderwijs en kinderopvang niet te veel uit de pas moet lopen; verzoekt de regering, te onderzoeken op welke wijze de topinkomens in de sector kinderopvang zo veel mogelijk kunnen worden genormeerd in overeenstemming met de wet normering topinkomens, en gaat over tot de orde van de dag.

    1 december 2011 omstreeks 18:13 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  6. Pierre Heijnen (PvdA)

    Ook heb ik een amendement ingediend waarin wordt voorzien in normen voor leden van raden van toezicht en raden van commissarissen. Dat wordt nu niet geregeld in de wet. De minister heeft gezegd dat de in het amendement genoemde 5% wat strak is. Om die reden heb ik een gewijzigd amendement ingediend, waarin voorzien wordt in een hoger maximum voor voorzitters van raden van toezicht en raden van commissarissen en waarin ook uitzonderingen worden toegestaan. Ik hoop dat dit amendement op een welwillender oordeel kan rekenen. Ik kom nu bij de bonussen. Ook op dit punt ben ik tegemoetgekomen aan de door de minister geuite bezwaren. Hij vond dat wij moeten oppassen dat wij bindingspremies of dienstgratificaties, voor mensen die een bepaald aantal jaren in dienst zijn, niet onmogelijk moeten maken. Wij willen dat inderdaad niet onmogelijk maken. Om die reden hebben wij ons in ons amendement beperkt tot zaken die betrekking hebben op prestatiebonussen. Die horen niet in ziekenhuizen, scholen, woningbouwverenigingen of een ambtelijke dienst. Met de wat strakkere formulering van het amendement kan de minister hopelijk wel leven. Dat brengt mij op de overgangstermijn. Daar was sprake van een bruggetje tussen de minister en de Kamer. Ik heb nu een amendement ingediend waarin de overgangstermijn beperkt wordt tot zes jaar in plaats van acht jaar, zoals de minister voorstelde. Daarbij kies ik ervoor om drie jaar vast en drie jaar met een afbouw door te gaan. Ik wacht het debat af om te zien wat de grootst mogelijke steun van de Kamer krijgt.In amendement op stuk nr. 31 wordt het overleg met de werknemersorganisaties geregeld. De sector onderwijs, die de bui zag hangen, heeft op de valreep een bezoldigingsregime afgesproken, weliswaar binnen het strengste regime, maar toch met een zodanige opwaartse druk dat dit tot grote weerstand heeft geleid, ook bij de onderwijzers, verenigd in hun werknemersorganisaties. Zij hebben zich gemeld bij de Kamer. Zij vragen zich af of het niet verstandig is om, als de minister een sectoraal regime vaststelt, het overleg te voeren met de werknemersorganisaties. Daarin voorziet het amendement op stuk nr. 31.Ten slotte wil ik een motie indienen, die als volgt luidt.

    Motie

    De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat de Wet normering van bezoldigingen van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector geen regels stelt voor koepels van organisaties in de publieke en semipublieke sector; overwegende dat de bezoldiging van besturen van deze koepelorganisaties derhalve niet aan regels gebonden is; overwegende dat dit ongewenst is omdat de financiering van deze koepels en dus ook de bezoldiging van de bestuurders ervan uiteindelijk door publieke middelen moet worden opgebracht; verzoekt de regering, ook de bezoldiging van topfunctionarissen van koepels van instellingen die worden betaald uit publieke middelen aan regels te onderwerpen, en gaat over tot de orde van de dag.

    1 december 2011 omstreeks 18:13 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  7. Ger Koopmans (CDA)

    Voorzitter. In eerste termijn heb ik al namens de CDA-fractie gezegd dat wij ten volle beseffen dat dit een buitengewoon ingrijpende wet is. Per wet worden namelijk de inkomens, de salarissen bepaald. Dat gaat ver. Dit leidt ertoe dat ik in mijn tweede termijn een aantal voorstellen zal langslopen die in eerste termijn door mij of door collega's zijn gedaan. In eerste termijn heb ik gesproken over de noodzaak deze wet van toepassing te verklaren op instellingen die meer dan 50% van hun inkomsten uit subsidies ontvangen. Samen met mevrouw Van der Burg heb ik daartoe een in onze ogen buitengewoon verstandig en werkbaar amendement ingediend.Wij hebben uitgebreid gesproken over de interim managers. Samen met mevrouw Gerbrands hebben wij een nieuw amendement ingediend, het amendement op stuk nr. 35. Bij dezen meld ik dat ik amendement op stuk nr. 22, dat over hetzelfde punt ging, zal intrekken, omdat het samen met mevrouw Gerbrands ingediende amendement meer ingaat op de argumenten die de minister namens de regering heeft gemeld.

    1 december 2011 omstreeks 18:17 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  8. Voorzitter

    Het amendement-Koopmans (stuk nr. 22) is ingetrokken.Ik stel vast dat daarmee wordt ingestemd.

    1 december 2011 omstreeks 18:19 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  9. Ger Koopmans (CDA)

    In mijn eerste termijn ben ik ingegaan op de anbi's, de goede doelen. Sinds het debat dat wij over deze wet hebben gevoerd, is ook het Belastingplan behandeld. Bij die behandeling is de motie-Omtzigt/Van Vliet (33003, nr. 52) aangenomen. De CDA-fractie houdt het nu bij die motie. Zij vraagt de regering wel om aanvullend op die motie over twee jaar te evalueren op welke wijze de anbi's omgaan met hetgeen in de motie is opgenomen, namelijk transparantie en opname in een register.De praktijk van vandaag is ook interessant. Hulde aan mevrouw Van Rooy, voorzitter van het college van bestuur van de Universiteit van Utrecht, die vandaag haar termijn nog met twee jaar verlengt en laat weten dat zij daartoe haar salaris binnen de grenzen van de balkenendenorm en dus omlaag brengt. Namens onze fractie vraag ik het kabinet -- dat kan de minister van BZK of de staatssecretaris van EL&I zijn -- om in overleg te treden met de raad van toezicht van het WUR, het Wageningen University & Research Centre. De voorzitter van het college van bestuur van het WUR heeft een salaris van bijna EUR400.000 per jaar. Dat is ver boven het niveau van deze wet. Het is een bestaand contract, maar wij vragen het kabinet om hierover in overleg te treden.Wij zijn door de regering overtuigd op het punt van de kinderopvang. Ik ben wel blij dat de heer Heijnen een motie heeft ingediend. Ik zal mijn fractie voorstellen om deze te steunen. Wij moeten nagaan hoe wij dit op een verstandige manier kunnen doen. Het eerder ingediende amendement om een en ander bij wet te organiseren gaat ons, alles overwegende, achteraf gezien te ver.Interessant vindt onze fractie -- collega Van Toorenburg heeft mij dat vanavond nog laten weten -- de suggestie die de heer Heijnen doet in het amendement op stuk nr. 30 om de collectieve beheersorganisaties, de Buma/Stemra's, aan te pakken. Ik ben er nog niet helemaal zeker van, zo zeg ik eerlijkheidshalve, of dat via dit amendement moet gebeuren of dat wij een andere methode moeten kiezen. De collectieve beheersorganisaties zijn niet publiek. Ik deel het doel, maar ben op zoek naar de methode.Tot slot kom ik bij de vergoedingen voor leden van raden van commissarissen en raden van toezicht. Ik denk dat de heer Heijnen met zijn amendement op stuk nr. 33 een verstandig doel nastreeft

    1 december 2011 omstreeks 18:19 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  10. Voorzitter

    U mag twee keer in tweevoud interrumperen.

    1 december 2011 omstreeks 18:23 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  11. Pierre Heijnen (PvdA)

    Staan die interrupties los van de interrupties gericht aan de minister?

    1 december 2011 omstreeks 18:24 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  12. Brigitte van der Burg (VVD)

    Voorzitter. Vandaag spreken wij in tweede termijn over de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen. Het is een wet die uniek is in Europa en in vergaande mate ingrijpt in de inkomens. Het is dan ook de kunst om de balans te vinden tussen wat juridisch houdbaar en maatschappelijk wenselijk is. De VVD heeft in eerste termijn al gezegd de ingediende Wet normering bezoldiging topfunctionarissen te steunen. Mijn fractie heeft wel een aantal belangrijke aandachtspunten naar voren gebracht, opmerkingen gemaakt en vragen gesteld. De minister heeft in eerste termijn en in de brief van 8 november al gereageerd op deze aandachtspunten, vragen en opmerkingen. De VVD dankt de minister voor deze reactie. Op veel punten is zij hier ook tevreden over.De minister heeft mij er vooralsnog van overtuigd dat een ontslagvergoeding van maximaal EUR75.000 voor bestuurders niet het ongewenste effect zal hebben dat bijvoorbeeld leraren geen directeur meer willen worden van een basisschool. Wil hij wel toezeggen om dit te gaan monitoren? Als dat effect toch optreedt, zou dat namelijk zeer ongewenst zijn.Voorkomen moet worden dat misbruik wordt gemaakt van de uitzonderingsmogelijkheid van het zwaarste regime. Het antwoord van de minister is ook op dit punt overtuigend. Een dubbel slot, waarbij de vakminister en de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties toestemming moeten geven, en soms zelfs een driedubbel slot, waarbij tevens de ministerraad toestemming moet geven, lijken de VVD in combinatie met openbaarmaking een voldoende waarborg. Dit geldt ook voor het toezicht dat de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties houdt op de samenhang tussen de verschillende regimes als gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om binnen sectoren een lagere norm vast te stellen. Verder is de VVD-fractie tevreden met de toezegging van de minister dat bij de evaluatie aandacht zal worden besteed aan het veronderstelde effect van een matiging van de beloning van topbestuurders op de matiging van de beloning van werknemers zoals specialisten en televisiepresentatoren.Op een aantal punten is de VVD niet of nog niet overtuigd. Ten eerste is de VVD van mening dat de beloning van de bestuurders van de Stichting Sanquin Bloedvoorziening het bezoldigingsmaximum niet mag overschrijden. Conform het huidige voorstel is dat echter wel mogelijk. De minister wil niet één organisatie uit de BBZ halen en naar het eerste regime overbrengen. Om aan dit bezwaar van de minister tegemoet te komen, krijgt de VVD graag de toezegging dat bij ministeriële regeling wordt geregeld dat de bezoldiging van de bestuurders van deze organisatie binnen de sectorale code in de toekomst niet boven het bezoldigingsmaximum zal komen. Indien de minister deze toezegging niet geeft, overweeg ik om hierover alsnog een amendement in te dienen. Ten tweede vindt mijn fractie het overgangsrecht van vijf jaar en een afbouw van drie jaar te ruim. In de eerste termijn heb ik dat ook gezegd. Collega Heijnen heeft een gewijzigd amendement ingediend, waarin hij voorstelt over te gaan naar een overgangsrecht van drie jaar en een afbouw van drie jaar. Aangezien de huidige contracten meestal een termijn van vier jaar kennen, stelt de VVD aan collega Heijnen voor, zijn amendement zo te wijzigen dat het overgangsrecht vier jaar wordt en de afbouw drie jaar. De VVD wil namelijk voorkomen dat het overgangsrecht voor de rechter sneuvelt. Je grijpt immers in bestaande rechten in. Het is dus een grote ingreep.Ten derde meent de VVD dat instellingen waarvan de inkomsten voor meer dan 50% uit structurele subsidies bestaan, onder het eerste regime moeten vallen. Ik heb hierover samen met collega Koopmans een amendement ingediend.Dan de zorgsector. De VVD is het eens met de minister dat de zorgsector niet onder het zwaarste regime moet vallen en dat de huidige code van de zorgsector een juiste normering is. Ook de commissie-Dijkstal kwam na zorgvuldige afweging tot dit advies gelet op de score van de zorgsector op de daar gehanteerde criteria. De VVD vraagt zich af waarom de balans uit het voorliggende wetsvoorstel moet worden gehaald door de amendementen van de collega's Gerbrands, Brinkman en Heijnen, die de zorgcentra onder het zwaarste regime zullen brengen. Dat houdt namelijk ook in dat bijvoorbeeld medisch specialisten waarschijnlijk niet meer in een ziekenhuisbestuur plaats kunnen nemen. Daardoor zal voor een deel vakkennis in het bestuur ontbreken, terwijl je die kennis wel in zo'n bestuur wilt hebben. De VVD wil daar in elk geval niet voor verantwoordelijk zijn.Verder vraagt de VVD zich af of dit het risico van juridische procedures waard is. De kans bestaat dat de rechter de bestuurders in de zorgsector in het gelijk stelt, zeker nu de sector met zijn eigen code zelf een redelijk voorstel heeft gedaan om de bezoldiging van de bestuurders te normeren. Als die code wordt ingevoerd, is deze niet meer vrijblijvend maar verplichtend, en dan valt verreweg het grootste deel van de bestuurders gewoon onder het bezoldigingsmaximum.Laat ik er duidelijk over zijn

    1 december 2011 omstreeks 18:24 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  13. Wouter Koolmees (D66)

    Voorzitter. We hebben hierover in eerste termijn uitgebreid van gedachten gewisseld, dus ik kan het vandaag kort houden. Ik bedank de minister voor zijn uitgebreide schriftelijke reactie op mijn vragen in eerste termijn, waar we de vorige keer geen tijd meer voor hadden.D66 steunt de normering van de publieke en semipublieke topinkomens al jaren. Mijn fractie staat nog altijd achter de norm, die in lijn is met het advies van de commissie-Dijkstal. Wij steunen de regering dan ook bij het vastleggen van deze norm in de wet.Ik heb nog een opmerking over het overgangsrecht. In eerste termijn heb ik met meerdere collega's aangegeven dat de voorgestelde overgangstermijn aan de lange kant is. De heer Heijnen heeft een gewijzigd amendement ingediend om deze in lijn met de beantwoording van de minister aan te passen. Ik ben benieuwd naar de reactie van de minister. Misschien biedt de suggestie van mevrouw Van der Burg om ergens in het midden uit te komen nog een werkbare oplossing. Dat was mijn enig overgebleven opmerking. Over dit wetsvoorstel is lang gesproken, het wordt tijd dat de wet wordt ingevoerd.

    1 december 2011 omstreeks 18:33 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  14. Karen Gerbrands (PVV)

    Voorzitter. Eindelijk is het zo ver. Ik hoop dat de voorstellen die door de Kamer zijn gedaan, door de minister zullen worden overgenomen. Ik bedank de minister voor de antwoorden, zowel in eerste termijn als schriftelijk. Ik heb er nog wel enkele opmerkingen over.De minister antwoordt op ons amendement om de zorgverzekeraars onder een beloningscode te brengen dat hij de zorg over de zorgverzekeraars deelt, dat het daarom nodig is om binnen de wetgevende mogelijkheden tot het uiterste te gaan en dat uiterste is dan de openbaarmaking. Er wordt gesproken over concurrentie met de financiële sector qua personeel.We hebben het hier wel over premiegeld dat door alle burgers verplicht wordt opgebracht. Als het om zorgverzekeraars gaat, is er haast geen concurrentie en ligt het marktaandeel praktisch vast. Burgers zien elk jaar hun premie stijgen. Wat onze fractie betreft, valt het dan niet uit te leggen dat de regering alleen wil vastleggen dat de heer Bontje zijn salaris van EUR450.000 moet publiceren in het jaarverslag. Wij willen dat er minimaal een beloningscode wordt vastgesteld voor deze sector. Daar zullen we dan ook aan vasthouden.Wij hebben een amendement ingediend dat ertoe strekt om de zorgsector onder het zwaarste regime te brengen. We hebben alle argumenten om dat niet te doen, voorbij zien komen. Van het personeel dat in de zorg werkt, wordt altijd gezegd dat zij niet louter door het salaris worden aangetrokken, omdat in de zorg ook intrinsieke motivatie zoals respect, tevredenheid en dankbaarheid een rol speelt. Waarom kan dit ook niet voor bestuurders gelden? Wat mij betreft, mogen alle bestuurders die de balkenendenorm niet voldoende vinden, vertrekken en plaatsmaken voor bestuurders die hart hebben voor de zorg. Ik heb een lijstje van de AbvaKabo gekregen. Deze bond heeft van veertien instellingen de salarissen van de bestuursvoorzitters over het jaar 2010 in kaart gebracht. Van die veertien instellingen zit slechts één bestuursvoorzitter onder de verhoogde norm van EUR247.000. Blijkbaar vinden de andere dertien dat de functie van bestuursvoorzitter zwaarder is dan gemiddeld en hebben ze zichzelf een aanvullende beloning toebedacht. Dit is nu precies waar wij een eind aan willen maken.De heer Koopmans heeft met betrekking tot de interim bestuurders aangegeven dat wij naar aanleiding van de antwoorden van de minister tot een tussenvorm zijn gekomen. Wat het overgangsrecht betreft, deel ik de opvatting van mevrouw Van der Burg dat de meeste contracten voor vier jaar worden afgesloten. Ik wil de heer Heijnen dan ook voorstellen om zijn amendement over dit onderwerp aan te passen.

    1 december 2011 omstreeks 18:35 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  15. Voorzitter

    Hiermee zijn wij aan het einde gekomen van de tweede termijn van de Kamer. Ik schors de vergadering voor ongeveer tien minuten. Daarna zal de minister antwoorden.

    1 december 2011 omstreeks 18:39 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

  16. Piet Hein Donner (CDA)

    Voorzitter. Verschillende woordvoerders hebben gezegd dat het wetsvoorstel dat wij vandaag behandelen van een bijzondere aard is. Dit is in Europa inderdaad niet meer geprobeerd sinds de val van de Sovjet-Unie en het IJzeren Gordijn. Dat is wellicht ook de verklaring dat het enige tijd en zorgvuldigheid vergt. De heer Van Raak voelt zich op dat punt op geen enkele wijze belemmerd, maar dat is wel de reden. Wat wij hier doen zit in de orde van grootte van loonwetgeving, iets wat in de Kamer altijd op grote weerstand stuit als het over ieder ander dan topfunctionarissen gaat. Wij regelen hier wat wij in het burgerlijk recht ten principale overlaten aan de contracten. De regering deelt overigens geheel het standpunt dat er, gelet op de ontwikkelingen, ook alle reden voor is om dat te doen in de publieke sector.Tegelijkertijd is het ook de zorg van de regering dat wij de kerstboom steeds verder optuigen met als gevolg dat wij aan het einde van de rit het lid op de neus krijgen omdat wij dan onvermijdelijk stuiten op bepalingen van internationaal recht die ons dat verhinderen en potentieel het wetsvoorstel als geheel onderuithalen. Ik zal daar met betrekking tot de afzonderlijke sectoren op ingaan. Deze filosofie speelt al sinds de voorstellen van de commissie-Dijkstal, die is gevraagd om met een afgewogen stelsel te komen. Daarbij speelde ook de vraag in hoeverre je datgene wat je voor de publieke sector doet, ook voor de semipublieke sector kunt doen. Ook speelde de vraag waar de grens ligt tussen de semipublieke sector en nog weer andere sectoren waar op zichzelf de wens kan bestaan om dit te regelen, maar waarvoor, in ieder geval vanuit de motivering waarop dit wetsvoorstel berust, nu geen reden is.Ik ben blij dat de heer Van Raak ook heeft gezegd dat het voorstel in dat proces van tien jaar beter is geworden. Hij heeft gesuggereerd dat het met zijn amendementen op stuk nrs. 16 en 17 nog beter wordt en dat daarmee eigenlijk het hele wetsvoorstel overbodig zou worden. Ik moet hem toch waarschuwen dat hij daarmee zijn eigen amendementen overschat. De voorgestelde uitbreiding in het amendement op stuk nr. 16 zou niet tot gevolg hebben dat ook gesubsidieerde instellingen, kinderopvang en goede doelen onder de reikwijdte ervan worden gebracht. Dat zijn punten die in het amendement worden voorgesteld. Ik moet ook zeggen dat dit het enige is wat pleit voor dit amendement van de heer Van Raak. Voor het overige wil ik het ontraden. Dat had ik ook al eerder gedaan. Dit is een typisch voorbeeld dat wij een aantal elementaire waarborgen die wij in onze rechtsstaat hebben getroffen, in de gaten moeten houden. Dit is het ver overschatten van wat een wetgever kan.Op het amendement-Van Raak/Ortega-Martijn om de maximumnorm van 130% naar 100% te verlagen ben ik ook in eerste termijn ingegaan. Ik heb aangegeven dat dit eenvoudig te realiseren is door het ministersalaris te brengen op het niveau waar het bedoeld was te zijn in de voorstellen van de commissie-Dijkstal. Breng het ministersalaris op 130% van het huidige ministersalaris en u hebt gerealiseerd wat u wilde realiseren.Maar één ding kunt u niet doen -- daar moet ik ernstig tegen waarschuwen -- en dat is denken dat wij nu in één klap de hele sector van de topfunctionarissen nog weer met een forse verlaging van de salarissen zullen confronteren. Ik ben gaarne bereid om een loonwet voor te bereiden voor de publieke sector, om het voor alle salarissen zo nodig te doen in crisistijd. Dat is dan een overweging, maar om het alleen voor topfunctionarissen te doen oogt wat discriminerend. De vraag zal onmiddellijk zijn

    1 december 2011 omstreeks 18:39 via Normering bezoldiging topfunctio... - Link - Delen

Over dit debat

Bericht van de makers

“Onze medewerkers moeten eerst op training voordat ze ons intranet begrijpen. Dat moet toch beter kunnen!”

Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken. Zo bespaart u veel geld op trainingen. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?