Debat in de Tweede Kamer op 29 juni 2011
Debatitem
Voorzitter. Ik heb twee moties.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de notitie "Verantwoordelijk voor vrijheid; Mensenrechten in het buitenlands beleid" vaststelt dat het Europese Hof voor de Rechten van de Mens zijn eigen gezag niet moet verzwakken door uitspraken te doen over zaken die slechts op perifere wijze verband houden met mensenrechten en dat het Hof zich zou moeten bezighouden met toezicht op de kern van het Europese mensenrechtenacquis; overwegende dat de rechtsvorming door het Hof dient te worden gerespecteerd en er geen reden is om meer ruimte te bepleiten voor de "margin of appreciation" van verdragspartijen bij de invulling van standaarden; van oordeel dat het signaal vanuit Nederland, dat neerkomt op beperking van de in verdragen vastgelegde rechtsmacht van het Hof, door andere partijen zo verstaan zal worden dat zij daarmee ook het recht krijgen om internationale verplichtingen desgewenst te beperken, waardoor de mensenrechtenbescherming in Europa schade zou kunnen oplopen; verzoekt de regering, in lijn met 60 jaar Nederlands mensenrechtenbeleid, zich te blijven inzetten voor onverkorte toepassing door alle staten die partij zijn bij het EVRM, inclusief Nederland, van alle verplichtingen die voortvloeien uit het EVRM en de jurisprudentie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en tevens actief de toetreding van de EU tot het EVRM te blijven bevorderen, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door de leden Timmermans, Peters en Hachchi. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 5 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:00 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Joël Voordewind (ChristenUnie)
Voorzitter. Ik heb een vijftal moties. Ik zal ze in een rap tempo voorlezen.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat er sterke aanwijzingen zijn dat kinder- en slavenarbeid op omvangrijke schaal in Afghanistan wordt ingezet bij het fabriceren van bakstenen, onder meer voor de NAVO/ISAF en dat de NAVO/ISAF daarop nog geen adequate actie heeft ondernomen; overwegende dat ook bekend is dat bij veel andere producten en diensten zoals voedsel, kleding, hout en materiaalreparaties kinderarbeid veelvuldig voorkomt; overwegende dat de politietrainingsmissie in Kunduz sterk inzet op bevordering van de rechtsstaat en mensenrechten en dat bestrijding van kinderarbeid en andere fundamentele arbeidsrechten zoals dwangarbeid, voor de regering een hoge prioriteit hebben; overwegende dat NAVO/ISAF, en Nederland middels haar betrokkenheid bij de Kunduzmissie, bij moeten dragen aan het bestrijden van kinderarbeid en slavenarbeid in Afghanistan, voornamelijk in de productieketens van aan hun uitvoerders leverende bedrijven; verzoekt de regering: - ervoor te zorgen dat voor de Kunduzmissie geen producten worden gebruikt die door kinderen of slaven zijn gemaakt en de clausule tegen kinderarbeid in het contract met uitvoerders aan te vullen met effectieve controles, ook bij de leveranciers van de uitvoerders, om kinder- of dwangarbeid te kunnen vermijden en bestrijden; - ervoor te zorgen dat er, indien er sprake is van kinder- en/of dwangarbeid, een tijdgebonden plan wordt gemaakt om dit snel te beindigen en te zorgen dat de kinderen naar school kunnen en de slaven worden bevrijd en als normale werknemers worden behandeld; - er bij de NAVO/ISAF op aan te dringen om zelf zo spoedig mogelijk de kwestie van kinderarbeid en dwangarbeid te onderzoeken en indien deze wordt gevonden, passende maatregelen te nemen en daar de hulp van deskundige organisaties als UNICEF, UNDP en de ILO bij in te roepen, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door het lid Voordewind. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 7 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:00 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Joël Voordewind (ChristenUnie)
De volgende motie gaat over handelssteun.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat er nog altijd verschillende landen zijn die de doodstraf hanteren voor afvalligheid. blasfemie, overspel en homoseksualiteit; overwegende dat de Nederlandse overheid met een aantal van deze landen een actief handelsbeleid voert en/of door ontwikkelingshulp steunt; van mening dat het ongeloofwaardig is om handel te drijven met landen waar dergelijke fundamentele mensenrechten met de voeten worden getreden; verzoekt de regering, geen actief handelsbeleid te voeren met landen die de doodstraf hanteren voor afvalligheid, blasfemie, overspel en homoseksualiteit en daarmee geen Nederlandse bedrijven te faciliteren door middel van handelsmissies, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door het lid Voordewind. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 9 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:00 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Ik heb drie moties.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de positie van vrouwen en meisjes in conflictgebieden zeer kwetsbaar is en dat het aantal berichten over verkrachtingen als wapen in de strijd en als oorlogsbuit schrikbarend toeneemt; overwegende dat ook de manier waarop de Libir Kadhafi zijn troepen aanzet tot verkrachting, de urgentie van deze problematiek onderstreept; overwegende dat deze praktijken eens temeer de noodzaak aantonen van een brede en snelle uitvoering van resolutie 1325; verzoekt de regering, de problematiek van verkrachting als oorlogsbuit te betrekken bij de gentegreerde Nederlandse benadering en specifiek te benoemen in het Nederlandse actieplan ter uitvoering van resolutie 1325 en te bevorderen dat deze problematiek ook in andere actieplannen wordt gentegreerd, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door de leden
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Voor de mensenrechten.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de regering de VN Ruggie-richtlijnen over maatschappelijk verantwoord ondernemen onderschrijft en zich inspant voor brede toepassing ervan; overwegende dat deze richtlijnen staten oproepen tot actieve communicatie en beleidsmaatregelen richting bedrijven; overwegende dat daaronder is begrepen de advisering van bedrijven die actief zijn in landen met conflict, om risico's van mensenrechtenschendingen van hun activiteiten of van die van hun handelspartners te identificeren, voorkomen en mitigeren; verzoekt de regering, de Kamer voor de begrotingsbehandeling te informeren over de wijze waarop zij aan de Ruggie-richtlijnen vormgeeft, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door de leden Peters, Timmermans, Hachchi en Van Bommel. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 15 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Ik heb twee moties. De eerste luidt als volgt.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat belangen van veel Nederlanders geschaad worden doordat de rechtspleging in Itali traag en bureaucratisch verloopt; verzoekt de regering er bij de regering van Itali en in de Raad van Europa op aan te dringen dat de behandeling van rechtszaken in Itali waar Nederlanders in zijn gemoeid binnen een redelijke termijn zal plaatsvinden, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door het lid De Roon. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 16 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Mijn motie gaat over de prioriteiten in het mensenrechtenbeleid.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat het Nederlandse mensenrechtenbeleid prioriteit geeft aan de vrijheid van meningsuiting; van oordeel dat het kracht bijzetten van de vrijheid van vereniging en vrijheid van vergadering ook door de Nederlandse regering moet worden gestimuleerd; verzoekt, de regering naast de vrijheid van meningsuiting ook de vrijheid van vergadering en vereniging voorrang te geven in het mensenrechtenbeleid en de kamer jaarlijks te rapporteren over activiteiten op dit gebied, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door het lid Van Bommel. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 18 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Ik zou graag de volgende twee moties indienen.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, overwegende dat de minister van Buitenlandse Zaken in de nota "Verantwoordelijk voor Vrijheid" het belang van de effectiviteit van de Nederlandse inspanningen op mensenrechtengebied onderstreept; overwegende dat de minister er in dat verband er de voorkeur aangeeft om uit oogpunt van effectiviteit soms met staten een dialoog aan te gaan om nakoming van hun verplichtingen te verzekeren boven het aangaan van de confrontatie; overwegende dat de minister in dat verband een rol weggelegd ziet voor de receptorbenadering, die mensenrechten probeert te versterken door aansluiting te zoeken bij bestaande sociale instituties; verzoekt de minister, een pilot te laten uitvoeren met de receptor benadering om de bruikbaarheid voor het Nederlandse mensenrechtenbeleid vast te stellen; verzoekt de minister om daarbij in het bijzonder aandacht te besteden aan de vraag hoe kan worden verzekerd dat een mix van de confrontatie- en de dialoogbenadering kan leiden tot een verhoging van de effectiviteit van de Nederlandse inspanningen op mensenrechtengebied, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door de leden Van der Staaij, Dijkhoff, Van Bommel en
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Ik dien twee moties in.
Motie
De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat de mensenrechtennotitie "Verantwoordelijk voor vrijheid; Mensenrechten in het buitenlands beleid" geen melding maakt van het aanspreken van bevriende landen over het bewaken van mensenrechten; constaterende dat mensenrechtenstrategien decennialang expliciete uitspraken over het aanspreken van bevriende landen bevatten; overwegende dat mensenrechten altijd en overal beschermd dienen te worden; overwegende, dat het in bepaalde gevallen zelfs effectiever kan zijn om bevriende landen aan te spreken op deze gedeelde verantwoordelijkheid; verzoekt de regering, in haar mensenrechtenbeleid niet alleen aandacht te vestigen op de zwaarste en meest in het oog springende overtreders van mensenrechten, maar ook bevriende landen, waaronder andere EU-lidstaten, wanneer het nodig is te bekritiseren, en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie is voorgesteld door de leden Hachchi en Peters. Naar mij blijkt, wordt de indiening ervan voldoende ondersteund. Zij krijgt nr. 21 (32735).
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Voorzitter. Er zijn achttien moties ingediend, waarop ik aldus reageer.
De motie-Timmermans c.s. op stuk nr. 5 gaat over het EVRM en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Zoals bekend, zal de Kamer binnen zeer afzienbare termijn een brief van de regering bereiken over dit onderwerp. Daarin zal de thematiek van de margin of appreciation en de positie van het Comité van Ministers onverkort terugkomen. In de motie bespeur ik een andere lijn, waarmee daarop al een bod wordt gedaan. De motie is in dat licht ontijdig. Ik ontraad de motie.
De motie-Timmermans/Peters op stuk nr. 6 betreft het Mensenrechtenfonds. Net als bij andere prioritaire fondsen bezuinig ik daarop 10%. Andere fondsen zullen helaas een bezuiniging van 20% of meer tegemoetzien. Ik ontraad de motie.
De motie op stuk nr. 7 van de heer Voordewind gaat over Kunduz. Ik zie deze motie als een aansporing in de richting van de regering. Ik laat de motie aan het oordeel van de Kamer over.
De motie op stuk nr. 8 van de heer Voordewind gaat over de dalits. Ook daarover kan ik kort zijn. In de vier dicta zie ik een lijn die de regering kan meenemen. In dat verband zie ik de motie als ondersteuning van het beleid en laat ik het over aan het oordeel van de Kamer.
De motie op stuk nr. 9, ook van de heer Voordewind, heeft een voor de regering te generale strekking. Ik ontraad de motie derhalve.
De motie-Voordewind c.s. op stuk nr. 10 betreft het aansporen van mijn Irakese ambtgenoot om de politie-eenheid in Nineveh op allerlei fronten te versterken en daarvoor binnen de EU steun te verwerven, althans ervoor te zorgen dat ook de EU dit kenbaar maakt in de richting van Bagdad. Dit past binnen wat ik al eerder aan Bagdad heb gemeld over aanpalende problemen in Irak. Ik zie de motie dan ook als ondersteuning van het beleid en laat haar aan het oordeel van de Kamer over.
De motie van de heer Voordewind op stuk nr. 11 gaat over het klachtrecht bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Ik zie geen reden om voor het EHRM een uitzondering te maken wat het introduceren van griffiekosten betreft. Derhalve ontraad ik de motie.
De motie-Çörüz c.s. op stuk nr. 12 gaat over de positie van vrouwen en meisjes in conflictgebieden en bevat een referte aan de ook door mij zeer gewaardeerde en steeds weer ondersteunde resolutie 1325. Destijds is daarover de motie-Ferrier c.s. aangenomen. Ik zie de motie als ondersteuning van het beleid. Ik ben blij dat deze motie er ligt en zal haar dan ook graag ten uitvoer brengen. Ik laat het oordeel over aan de Kamer en hoop dat dit positief is.
De negende motie van de heer Çörüz gaat over de Mensenrechtenraad. Ik zie die motie ook als een ondersteuning van het beleid van de regering. De leden Çörüz en Voordewind dank ik voor de precieuze wijze waarop zij haar hebben geformuleerd. Ik kan daar wat mee. We zijn er natuurlijk al mee bezig, maar ik laat het oordeel over deze motie met plezier aan de Kamer over.
De tiende motie van de heer Çörüz gaat over advocaat Sergei Magnitsky. De zorg van de heer Çörüz deel ik in hoge mate. Wij stellen deze zaak aan de orde. Nederland en de Europese Unie blijven de Russische federatie ook aansporen om schuldigen op te sporen en te berechten. Gezien de voortgang enzovoort kan deze motie echter al gauw gezien worden als een blijk van forse kritiek. Een blokkade van tegoeden en visa zal op dit moment ook geen effect sorteren en de relatie tussen de Europese Unie en de Russische federatie niet bevorderen. Om die reden ontraad ik per saldo de aanneming van deze motie. Het spijt mij zeer, maar ik kan niet tot een ander oordeel komen dan dat.
Ik begrijp de elfde motie van mevrouw Peters over de Ruggie-richtlijnen zo dat mevrouw Peters vraagt om hieraan aandacht te besteden in de memorie van toelichting op de begroting. Dat doe ik graag, dus ik laat het oordeel over deze motie aan de Kamer over.
De twaalfde motie van de heer De Roon gaat over de rechtspleging in Italië. Zij bevat het verzoek om er in de Raad van Europa bij de regering van Italië op aan te dringen dat de behandeling van rechtszaken in Italië waarmee Nederlanders gemoeid zijn, binnen een redelijke termijn plaatsvindt. In de eerste plaats lijkt het mij niet dienstig om de regering van Italië nu op al dit soort dingen te wijzen en dan nog eens specifiek waar het Nederlanders betreft. Ik ben bereid om dit punt op zichzelf ter kennis van mijn collega van Veiligheid en Justitie te brengen, maar ik voel niet voor de tekst en de strekking van deze motie. Daarom ontraad ik de aanneming daarvan.
De dertiende motie van de heer De Roon gaat over de islam. Zoals de heer De Roon bekend is, beschouwt de Nederlandse regering de islam niet als een politieke ideologie, maar als een religie. Ik kan deze motie dus niet tot de mijne maken. Ik ontraad de aanneming ervan.
Met de veertiende motie van de heer Van Bommel over de vrijheid van vereniging en vergadering heb ik moeite, dus ik ontraad de aanneming ervan. Dat doe ik omdat ik binnen het gehele complex van mensenrechten de vrijheid van vereniging en vergadering volop aan de orde heb. Bovendien neem ik die vrijheid van vereniging en vergadering ook nog eens ter harte in het kader van de nadruk die ik leg op de vier ILO-pijlers. Daarvan is de heer Van Bommel zich bewust. Ik vind de motie echt overbodig.
29 juni 2011 omstreeks 14:01 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Het kerstregime geldt, mijnheer Van Bommel.
29 juni 2011 omstreeks 14:10 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Ik heb een vraag aan de minister. Hij beoordeelt het tweede deel van het dictum namelijk niet. Het eerste deel komt kennelijk overeen met de intentie van de regering, maar het tweede deel, om daar expliciet over te rapporteren...
29 juni 2011 omstreeks 14:10 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Debatitem
Voorzitter. Ik rapporteer jaarlijks over de mensenrechten. Verder doe ik dat steeds impliciet wanneer ik over de mensenrechten met de Kamer van gedachten wissel. Ik vind het tweede dictum dus overbodig, met permissie. Ik ontraad de aanneming ervan, ook waar het het tweede dictum betreft. Ik kan niet anders, maar laat er geen misverstand over bestaan dat ik hard trek aan de vrijheid van vereniging en vergadering en aan mensenrechten als zodanig. Deze ILO-pijlers vind ik in beide opzichten zeer belangrijk. De heer Van Bommel hoeft op dat punt niet ongerust te zijn.
De vijftiende motie van de heer Van der Staaij gaat over de receptorbenadering.
Ik sta zeer sympathiek tegenover deze motie. De heer Van der Staaij weet ook dat ik die receptorbenadering zeer boeiend vind en dat het een belangrijk instrument zou kunnen zijn voor het mensenrechtenbeleid in de komende jaren. Mag ik het laten uitvoeren van een pilot ruim opvatten en zoeken naar een effectief instrument om datgene te bewerkstelligen waar in de motie om wordt gevraagd? Ik zie de heer Van der Staaij knikken, dus in dat geval wil ik de motie met een positief geluid aan het oordeel van de Kamer overlaten.
Dan de motie op stuk nr. 20 van de heer Van der Staaij c.s. over de ontwikkelingsrelaties en het in dat verband aankaarten van de positie van vervolgde minderheden en religieuze minderheden. Deze motie zie ik als ondersteuning van het beleid en ik wil deze ook graag tot de mijne maken, maar ook tot het gedachtegoed en handelingsgoed van collega Knapen, bij wie dit in eerste instantie berust. Hij zal het volledig met mij eens zijn.
De motie op stuk nr. 21 gaat over het aanspreken van bevriende landen. Die ontraad ik. Ik heb de Kamer meermaals gezegd dat ik het verschil wil maken met het mensenrechtenbeleid. Ik wil daar naartoe waar ik echt verschil kan maken en dat doe ik vooral in die landen waar het er heel slecht aan toegaat c.q. waar net een tipping point in zit, zoals we dat gisteren ook in de discussie over de Arabische regio aan de orde hebben gehad. Derhalve ontraad ik deze motie.
De motie op stuk nr. 21 van mevrouw Hachchi en mevrouw Peters gaat over de noodzaak om een volledige lijst van meerjarige actiepunten op alle onderdelen van de nota aan de Kamer te doen toekomen. Deze motie ontraad ik ook. Dit omdat ik in de mensenrechtennotitie vanaf, uit mijn hoofd, blz. 31 maar het kan ook een andere bladzijde zijn, al die verschillende actiepunten al breedvoerig heb genoteerd en aan de orde heb gesteld. Natuurlijk zal ik bij de begrotingsbehandeling 2012 ook op dit soort punten terugkomen, maar het kan er bij mij niet in dat ik niet al een helder beeld heb gegeven van de concrete inzet die met de notitie Verantwoordelijk voor vrijheid is gemoeid.
Hiermee heb ik mijn reactie gegeven op de achttien moties in het VAO Mensenrechten in het buitenlands beleid.
De beraadslaging wordt gesloten.
De beraadslaging wordt gesloten.
29 juni 2011 omstreeks 14:10 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
De stemming over de moties vindt plaats bij de eindstemming morgenavond of halverwege de dag. Waarschijnlijk zijn er morgen op twee momenten stemmingen.
De vergadering wordt van 14.35 uur tot 14.45 uur geschorst.
29 juni 2011 omstreeks 14:15 via Mensenrechten - Link - Delen
Debatitem
Op de tafel van de Griffier ligt een lijst van ingekomen stukken. Op die lijst staan voorstellen voor de behandeling van deze stukken. Als voor het einde van de vergadering daartegen geen bezwaar is gemaakt, neem ik aan dat daarmee wordt ingestemd.
29 juni 2011 omstreeks 14:16 via Mensenrechten - Link - Delen
Titel: Mensenrechten
Omschrijving: Aan de orde is het debat naar aanleiding van een algemeen overleg op 14 juni 2011 over Mensenrechten en vrijheid van godsdienst en meningsuiting.
Vergadering: Nummer (29 juni 2011)
Voorzitter: Khadija Arib
Disclaimer: Uit deze ongecorrigeerde tekst mag niet worden geciteerd. Aan deze tekst kunnen geen rechten worden ontleend.
Sprekers in dit debat:
Onze medewerkers moeten eerst op training voordat ze ons intranet begrijpen. Dat moet toch beter kunnen!
Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken. Zo bespaart u veel geld op trainingen. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.
Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?