Debat in de Tweede Kamer op 17 mei 2011
Debatitem
(Zie vergadering van 27 april 2011.)
De algemene beraadslaging wordt hervat.
17 mei 2011 omstreeks 16:03 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
De Kamer heeft een uitgebreide schriftelijke beantwoording ontvangen van de minister, waarvoor dank. Wij gaan nu luisteren naar haar beantwoording van de vragen die zij nog niet schriftelijk heeft beantwoord.
De heer Dibi heeft zich afgemeld voor dit debat vanwege andere verplichtingen.
17 mei 2011 omstreeks 16:03 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Voorzitter. Ik heb een inleiding. Aan het eind daarvan zal ik ingaan op de amendementen. Indien het mogelijk is, zou ik graag mijn inleiding in haar geheel afronden. Het is namelijk een opgebouwd verhaal naar aanleiding van het debat dat wij hier met elkaar hebben gevoerd. Als dat mogelijk is, heel graag.
17 mei 2011 omstreeks 16:03 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Het ligt een beetje aan wat u precies gaat zeggen, minister.
17 mei 2011 omstreeks 16:04 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Dat is waar. Als ik uitlok, gaat het anders.
17 mei 2011 omstreeks 16:04 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Als u dat niet doet, gaan wij eerst luisteren naar uw inleiding. Ik vraag u om aan te geven wanneer die is afgerond.
17 mei 2011 omstreeks 16:04 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Voorzitter, dank u wel.
Voor het meireces heeft de Kamer in eerste termijn gesproken over het wetsvoorstel inzake de invoering van een competentiegerichte kwalificatiestructuur voor het beroepsonderwijs. Aan het einde van de eerste termijn van de Kamer is afgesproken dat mijn eerste termijn zo spoedig mogelijk na het reces zou worden gepland. Ook is afgesproken dat ik de vragen van de leden voor zover als mogelijk schriftelijk zou beantwoorden. Welnu, met mijn brief van 13 mei 2011 heb ik deze afspraak gestand gedaan. Dat neemt niet weg dat ik graag ook mondeling wil reageren naar aanleiding van de inbreng van de betrokken leden. Zeker omdat de gestelde vragen aanleiding zijn geweest om nog eens goed te kijken naar de zaken die wij met het voorliggende wetsvoorstel in essentie willen regelen.
Waar zijn wij twee weken geleden geëindigd? Ik heb geconstateerd dat wij het eens zijn over het feit dat Nederland goede vakmensen nodig heeft en dat het mbo hofleverancier is van deze vakmensen. Wij zijn het erover eens dat de studenten voldoende uitgedaagd moeten worden in hun opleiding en dat zij voldoende toegerust moeten zijn voor een eventuele vervolgopleiding. Een landelijke kwalificatiestructuur die het bedrijfsleven goed herkent, biedt hiervoor de beste basis. De overheid stelt het "wat" vast en formuleert daarmee aan welke inhoudelijke eisen de examens moeten voldoen. Alles is gericht op diploma's van waarde. Bovendien weten bedrijven en hbo-instellingen dat zij gekwalificeerde mbo'ers binnenkrijgen. Dat geeft zekerheid dat de mbo'ers een goede startpositie hebben.
Ook in het actieplan mbo heb ik voorstellen gedaan die juist de harde kennis en vaardigheden moeten versterken: intensiveren van opleidingen, terugbrengen van de opleidingsduur en standaardiseren van beroepsgerichte examens. Ik heb de beraadslagingen over het actieplan in deze Kamer als steun ervaren.
Ik heb tijdens het afgelopen debat heel goed geluisterd naar de beraadslagingen in de Kamer. Het is mij klip-en-klaar dat een deel van Kamer vraagtekens zet bij de rol van competenties in het beroepsonderwijs. Ik wil haar nu voor eens en voor altijd volstrekte helderheid bieden over de status van de term "competenties" als het gaat om het mbo. Wij moeten er namelijk voor zorgen dat wij deze term over en weer echt hetzelfde gebruiken.
De Kamer hanteert het begrip competenties meer in de zin van houdingsaspecten. Die zouden niet te veel aandacht moeten krijgen, zo stelt zij. Daar ben ik het van harte mee eens. Competenties vormen het ordeningsprincipe van het totaal aan kennis, vaardigheden en houding dat moet leiden tot competente mbo'ers. Daar gaat het uiteindelijk om.
Je bent competent als je de juiste kennis, vaardigheden en houding laat zien. Bijvoorbeeld samenwerken en integer handelen zijn daar onderdeel van. In de beroepspraktijk mogen houdingsaspecten vanwege het feit dat het ordenend kader de term "competentie" heeft gekregen, niet een te dominante positie krijgen.
Een schorsing van de eerste termijn van het Kamerdebat van maar liefst twee weken gaf mij de ruimte voor reflectie. De ultieme kern van de discussie geldt mijns inziens drie punten. Ten eerste de vraag of het element van de houdingsaspecten niet een te zware betekenis gekregen heeft ten opzichte van harde kennis en vaardigheden. Ten tweede de mogelijke gedetailleerdheid van de kwalificatiestructuur en de daarmee samenhangende afvinkcultuur. Mevrouw Smits heeft geprobeerd dit te illustreren aan de hand van een stevig pakket papier. Zij heeft dit ook nog bij zich; geweldig. Ook de heer Elias heeft gesproken over de omvang van de kwalificatiedossiers. Ten derde de schijnbare onvermijdelijkheid dat deze kwalificatiestructuur ook tot een bepaalde didactiek leidt, een punt dat heel nadrukkelijk door de woordvoerder van de PVV-fractie naar voren gebracht is.
Bij deze drie punten wil ik in eerste termijn nadrukkelijk stilstaan. Naar mijn smaak zijn ze de essentie van de discussie die wij hier moeten voeren. De essentie van de kwalificatiedossiers is een beschrijving van een set beroepen. Vakkennis en vaardigheden staan centraal en komen tot uitdrukking in de uitvoering van kerntaken en werkprocessen. Simpeler kan ik het eigenlijk niet zeggen.
Wat is nu de rol van het punt houding? Dat heeft bij de kwalificering van het beroep een ondersteunend karakter. Je kunt niet zonder, maar het dient niet leidend te zijn. De heer Beertema heeft dat mijns inziens heel scherp naar voren gebracht. Een competente kapper is meer dan iemand die perfect knipt. Dat zei het bedrijfsleven, toen het indertijd de eindtermen als te beperkt verklaarde. Echter, ook waar is dat een kapper die niet goed knipt, incompentent is, hoe goed hij ook samenwerkt. Een school die een leerling-kapper vooral beoordeelt op basis van zijn vermogen om klanten te werven, maar niet kijkt naar diens vaardigheid om een permanentje aan te brengen, is absurd bezig.
Kortom, primair gaat het erom dat een student de noodzakelijke vakkennis en vaardigheden onder de knie krijgt. De school beoordeelt of hij of zij hierin slaagt. Houding is ook relevant, maar staat vooral ten dienste van kennis en vaardigheden. Het kan gebeuren dat bepaalde houdingsaspecten in het ene beroep wel belangrijk zijn, maar in het andere niet. Voor een stewardess gelden andere beroepseisen wat houding betreft, dan voor een horlogemaker. Het is dan ook ontzettend belangrijk dat wij de zaken in dit debat heel scherp krijgen, omdat ze in de loop der tijd inderdaad minder scherp geworden zijn, zowel in het debat als zeker ook op scholen. Dat erken ik.
De beroepsgerichte kwalificatiedossiers dienen zo vormgegeven te zijn, dat de relatie tussen kennis, vaardigheden en houding helder wordt en dat deze relatie op dezelfde wijze helder is voor alle beroepen op mbo-niveau, niet meer en niet minder. In de onderwijspraktijk mogen houdingsaspecten, die ook wel competenties genoemd worden, vanwege het feit dat de term "competentie" gekozen is voor het ordenend kader, niet een zo'n dominante positie krijgen, dat dit leidt tot zouteloos onderwijs; een didactiek waarbij de aandacht wegdrijft van kennis en vaardigheden, zoals de heer Beertema aangaf. Dat is niet aanvaardbaar. Wij moeten hier scherp op zijn. De afgelopen jaren heeft dit geleid tot ingrijpen van de inspectie, want die heeft dit ook gezien. Dit is vooral gebeurd waar de inspectie constateerde dat essentiële elementen van kennis en vaardigheden onvoldoende dekkend geëxamineerd werden.
Ik heb het afgelopen weekend opnieuw enkele kwalificatiedossiers gelicht en mijzelf in het licht van het debat de vraag gesteld: hoe werkt dat dan? Ik moet bekennen dat ik al lezende zin had om een mbo-opleiding te volgen. Immers, wat is het mbo toch leuk als je het zo leest!
Maar goed, ik zit hier, dus ik doe dit eerst. Wie weet, misschien hierna.
Het eerste dat opvalt, is dat het kwalificatiedossier oogt als een lijvig boekwerk -- mevrouw Smits heeft dat goed aangetoond en was ook indrukwekkend in haar presentatie -- maar bij nadere bestudering blijkt dat toch mee te vallen. Het kwalificatiedossier leidt immers op voor meerdere beroepen, voor meerdere diploma's. Dat maakt de spoeling direct al dunner.
Een kwalificatiedossier is opgebouwd uit vier delen. In deel A staat een algemene beschrijving van het beroep en van de beroepsgroep. In deel D, aan het eind, staat de verantwoording. Deel B bevat een beschrijving op hoofdlijnen van de diploma-eisen en beschrijft wat de kwalificaties voor de beroepsgroep gemeenschappelijk hebben. Deel C, ten slotte, bevat de uitwerking van de kerntaken en de werkprocessen per beroep. Ik licht even het dossier Installatietechniek toe. Daar zitten negen beroepen in. Dat mag een paar blaadjes kosten, maar ook niet veel meer dan dat.
Voor docenten zijn de delen B en C het meest van belang. De uiteindelijk voor de kwalificatie, het beroep te gebruiken omvang is dus beperkt en daarbij komt nog eens de verdunning vanwege het feit dat het meestal nog gedeeld wordt door een aantal beroepen, kwalificaties binnen C. Mocht het uiteindelijk toch uit de hand lopen qua omvang per kwalificatie, dan kan ik regels stellen voor de inrichting van de kwalificatiedossiers. Ik kom daar straks op terug.
Los van de indeling van de kwalificatiedossiers hebben de onderscheiden delen hun eigen functie. Deel A wordt vaak gebruikt door voorlichting door decanen over het beroep, over de beroepsgroep en over de verschillende keuzes qua beroepen en uitstroomkwalificaties. Deel B en C vormen zoals gezegd het hart van de kwalificatie en dienen als basis voor het onderwijs en het examenprogramma, en dan vooral toch deel C en dan vooral dat deel waar de docent verantwoordelijk voor is als het gaat om het behalen van het diploma. Dat zijn er dus meestal meerdere binnen C. Deel D bevat een toelichting op bijvoorbeeld de wettelijke beroepsvereisten voor verpleegkundigen. Die is voor de inspectie en voor de school van belang en verantwoord ook de totstandkoming. Daarin kun je bijvoorbeeld ook lezen dat in sommige commissie wel en in andere geen docenten zitten. Ik kom daar straks op terug in verband met het amendement van mevrouw Smits.
Wat betreft de zorg dat we doorschieten in het vastleggen en het bepalen van allerlei regels en afvinkpunten bij de examinering van de leerlingen nog het volgende. Ik denk dat dit altijd aanhoudende aandacht vereist, mogelijk ook in het toezichtskader van de inspectie. Ook daar kom ik straks op terug.
Ik vind echter dat we ook onze zegeningen mogen tellen. Ik heb nog even de eindtermendossiers erbij gepakt. Sterker nog, ik ben zelf een eindtermenkind. Ik liep met zo'n boekje op zak in mijn verpleegkundejurkje in het ziekenhuis en ik vinkte wat af. Altijd dat vinkje en, hup, dat moest nog; ontzettend veel. De kwalificatiedossiers zijn veel globaler en leiden tot minder afvinken.
Voorzitter. Als dit het is, hoe bewaak ik dan dat we niet te veel overhellen naar houdingsaspecten ten opzichte van harde kennis en vaardigheden, naar wat men soms ook wel de "soft skills" noemt? Om te beginnen heb ik vandaag een nota van wijziging meegenomen. Die is geïnspireerd door de heer Elias. In die nota van wijziging schrap ik het begrip "competentiegericht" uit de titel van het wetsvoorstel. Die titel is namelijk verwarrend. Dit betekent dat het begrip "competentie" als zodanig in de wettekst niet meer voorkomt. Dat maakt duidelijk hoezeer dat ook goed kan. Ik spreek vanaf nu gewoon over "beroepsgerichte kwalificatiestructuur" en benadruk hiermee waar het om gaat. Daarmee is elk woord rondom competentiegerichte kwalificatie uit het wetsvoorstel verdwenen. Het stond alleen in de titel.
Alleen de titel was al heel bepalend, omdat die het verhaal weergeeft. Stel dat hier "kennisgerichte kwalificatiestructuur" had gestaan, wat was er dan gebeurd met houding en vaardigheden? Of als er "vaardigheidsgerichte kwalificatiestructuur" had gestaan, wat was er dan met die twee andere gebeurd? Door dit te doen maken wij de evenwichtigheid tussen de drie heel erg duidelijk. Ik heb althans de behoefte om dat te doen, omdat ik hier gehoord heb dat de behoefte aan die evenwichtigheid er is. Bij dezen teken ik de nota van wijziging en dan geef ik haar gelijk aan de voorzitter.
Om dit puntje even af te ronden, er zit nog één klein punt in deze nota van wijziging. Wij zijn wat later in de tijd komen te zitten. Ik wil scholen hier niet mee overvallen. Ze hebben nog de mogelijkheid om per 1 augustus te beginnen met een eindtermenopleiding, maar dat zijn dan echt de laatste. Als de Kamer dit wetsvoorstel uiteindelijk aanneemt, is het per 1 augustus 2012 dan echt conform de wet zoals wij hem hier hebben. Dat heb ik hier ook geregeld.
17 mei 2011 omstreeks 16:04 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Is dit de eerste nota van wijziging of zijn er al meer geweest?
17 mei 2011 omstreeks 16:20 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Er is al een eerdere; het wetsvoorstel ligt er al zo'n twee jaar.
17 mei 2011 omstreeks 16:20 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Ze krijgen altijd een volgnummer, volgens mij. Dit wordt dan de tweede nota van wijziging. Die is bij dezen ingediend. Ik zal ervoor zorgen dat u haar allemaal krijgt.
17 mei 2011 omstreeks 16:20 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Hartelijk dank, voorzitter.
Naast het indienen van deze nota van wijziging, zal ik bevorderen dat de nieuwe set kwalificatiedossiers, waar nodig, zodanig aangepast worden dat in de kwalificatiestructuur recht wordt gedaan aan het grote belang van kennis en vaardigheden ten opzichte van houdingsaspecten, uiteraard na een gedegen evaluatie en in overleg met onderwijs en bedrijfsleven. Ook het format "kwalificatiedossiers" zal wat mij betreft onderdeel zijn van die evaluatie. Via de mij ter beschikking staande ministeriële regelingen, waar wij het hier ook over gehad hebben, heb ik die mogelijkheid en die ga ik ook benutten. In het wetsvoorstel, dat de woordvoerders zelf hebben gelezen, wordt buitengewoon veel ruimte daartoe geboden. Tot zover mijn reactie op de highlights van het debat tot nu toe.
Nu de praktijk van vandaag. Zoals ik al in de schriftelijke beantwoording aangaf, tonen goede voorbeelden de didactische ruimte die er binnen deze kwalificatiestructuur is. Enerzijds zien wij de vakcolleges van Hans de Boer, om ze zo maar even te noemen. Daarbij gaat het om relatief traditioneel en buitengewoon gestructureerd onderwijs, met intensieve scholing en intensieve stages. Anderzijds zien wij bijvoorbeeld de netwerkscholen als het ROC van Twente. Daarbij gaat het veel meer om ondernemingsgericht onderwijs. Daarbij acquireren leerlingen een opdracht, die zij gaan vervullen. Werkende weg wordt er gelijk gekeken of zij voldoen aan kennis vaardigheden en houding. Daarmee zien wij dat er ruimte is.
Daarnaast kiezen al meer en meer scholen weer voor een meer schoolse aanpak met een intensievere onderwijstijd. Met mijn actieplan zal hier de komende jaren alleen maar een extra impuls aan worden gegeven. Hiermee wordt overigens aangetoond dat veel scholen allang die evenwichtige lijn gekozen hebben, zoals de heer Dijkgraaf al aangaf in het debat. Dat heeft zeker niet in de laatste plaats te maken met een herbezinning op het zogenaamde "nieuwe leren", waar de heer Beertema, regelmatig terecht, met veel engagement tegen ten strijde trekt.
Zelf heb ik de indruk dat het debat over de competenties hier in de Kamer verwoordt wat een tijd lang ervaren werd en voor een deel nog ervaren wordt, maar wat zichzelf in de praktijk toch al behoorlijk gecorrigeerd heeft. Dat is goed. Dat ontslaat mij echter zeker niet van de opdracht om de dossiers bij de eerstkomende gelegenheid, waar nodig, beter in balans te brengen met de gewenste werkelijkheid op de scholen. Dat ga ik doen. Dat wil ik hier afspreken, omdat ik ook zelf zie in de opbouw van de dossiers dat het begint met competenties, dan de prestaties volgen die men moet verrichten, en aan het eind nog kennis en vaardigheden staan. Dat zal in de nieuwe versie beter in evenwicht moeten zijn.
Hoewel ik ervan uitga dat heel veel scholen inmiddels al op een beter pad zijn gekomen, wil ik toch het zekere voor het onzekere nemen en ga ik het volgende doen. Ten eerste zal ik aan de mbo-instellingen een brief sturen, waarin ik ze nadrukkelijk vraag om bij het opstellen van de onderwijscurricula kennis, vaardigheden en houding in balans te brengen, in het licht van het debat dat hier in de Kamer is gevoerd.
Ten tweede zal ik in overleg met de mbo-sector en ter inspiratie van deze sector goede voorbeelden in kaart brengen van curricula die in het licht van de discussie met de Kamer wat mij betreft een uitstekende balans laten zien tussen kennis, vaardigheden en houding. Uiteraard ben ik bereid de Kamer hierover te informeren. Ten derde kijk ik in het licht van dit debat opnieuw scherp naar de standaarden voor het toezicht van de inspectie om er uiteindelijk voor te zorgen dat het toezichtskader er op een goede manier op aansluit. Ik moet binnenkort weer het toezichtskader vaststellen en ik zal deze punten hierin meewegen. Zo nodig zullen we er iets langer over doen.
Ik zie de heer Van der Ham binnenlopen. Heel jammer dat hij het gemist heeft, want ik heb een heel mooi betoog gehouden. Ik hoop dat hij toch nog iets gehoord heeft.
17 mei 2011 omstreeks 16:21 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Mijn excuses. Ik had een andere verplichting in dit huis. Het betoog is echter heel goed overgekomen. Per sms ben ik van alle toezeggingen van de minister op de hoogte gesteld. Ik heb een paar goede dingen gelezen.
17 mei 2011 omstreeks 16:26 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Ik dank de heer Van der Ham, want mijn betoog was mede door hem geïnspireerd.
Ik zal in 2013 in het verlengde van het amendement-Çelik, dat ik in die zin wil aanvaarden, een onafhankelijke evaluatie laten uitvoeren van de huidige kwalificatiestructuur. Daarin zal ik de drie aandachtspunten van de Kamer nadrukkelijk aan de orde stellen en de uitkomsten zullen gebruikt worden door de Stichting Beroepsonderwijs Bedrijfsleven en de kenniscentra om de nieuwe set kwalificaties het jaar daarop op te stellen.
Met alles wat ik gezegd heb over dit wetsvoorstel, de manier waarop ik tegen de kwalificatiestructuur aankijk en mijn plannen die zijn opgenomen in het Actieplan mbo actualiseer ik in feite de memorie van toelichting. Ik ben van mening dat we uiteindelijk verantwoorde keuzes kunnen maken, omdat we de komende tijd de ruimte nemen om de mogelijkheden te benutten en om te doen wat we willen, namelijk komen tot een evenwichtige kwalificatiestructuur. Het wetsvoorstel geeft daar alle ruimte voor. In de eerste termijn ben ik reeds op specifieke vragen ingegaan. Ik ga nu graag in op de ingediende amendementen.
17 mei 2011 omstreeks 16:26 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Ik moet even laten bezinken wat de minister zegt. Ze zegt een paar verstandige dingen. Ik ben benieuwd hoe zij die competenties concreet een minder grote rol gaat geven. Misschien kan ze daar nog wat over zeggen. Zoals ze weet, liggen de 25 competenties -- één van mijn favorieten is met druk en tegenslag kunnen omgaan -- nog steeds ten grondslag aan de manier waarop wij meten hoe leerlingen het doen in het beroepsonderwijs. Hoe gaat de minister die minder belangrijk maken?
17 mei 2011 omstreeks 16:28 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Mevrouw Smits zal het met me eens zijn dat houding wel relevant is. Het is belangrijk dat een kapster je goed knipt -- kennis en vaardigheid -- maar het is ook plezierig als zij vier weken later nog eens naar je situatie informeert als je haar het vorige bezoek verteld hebt dat er iets ergs in de familie heeft plaatsgevonden. Alert en attent zijn is belangrijk. Voor mevrouw Smits is het plezierig als haar medewerkers, die deels op mbo-niveau functioneren, naast het feit dat zij hun individuele taken goed vervullen ook goed samenwerken. Van de 25 competenties wordt overigens slechts een deel gebruikt, variërend van 8 tot 16 competenties. Ik wil graag dat een leraar bekijkt hoe iemand in de praktijk iets uitvoert. Dat hoort erbij. Ik denk dat mevrouw Smits en ik elkaar daarin wel kunnen vinden. Ik wil er echter vanaf dat samenwerken hét punt wordt, voor zover dat in den lande nog zo gezien wordt, en een kapster vervolgens de schaar in je oor zet en helemaal niet zo'n goede kapster is. Daarom ga ik hierover een brief schrijven en hierover met de MBO Raad overleggen.
Er moet dus een goed evenwicht zijn. Dat wil ik uitdragen en dat was ook de meerwaarde van het debat dat op mij veel indruk heeft gemaakt. Dit is echt een belangrijk onderwerp en daarom moeten we er anders in staan dan we er tot nu toe in stonden.
Daardoor heb ik gekeken -- onder druk kom je immers goed op scherp te staan -- naar waar het hem nu in zit. Het zit hem in het feit dat wij hier dit statement maken. Daarvan ben ik overtuigd; dat klinkt door. Het zit hem in het feit dat ik er actief over ga communiceren met de scholen. Het zit hem in het feit dat ik ga kijken naar het toezichtskader van de inspectie: let op, wat stimuleer je bij het toezicht? Dat werkt uit, dat weten wij. De school voegt zich vaak heel graag naar iets waar een inspectie scherp op is. Ik zal er goed naar kijken of daar punten in zitten. Tegelijkertijd zal ik goede voorbeelden in beeld brengen en deze zal ik aan anderen tonen. Wij willen niet vandaag de dag direct weer een verandering van de kwalificatiedossiers, want dat geeft een enorm gedoe.
Ik zeg echter wel toe dat ik in de termijn van drie jaar die in het amendement-Çelik staat, het onderwerp oppak en dat ik deze drie hoofdpunten meeneem. Ik wil daarvoor aanpassingen zien, die vervolgens ook verwerkt moeten worden. Dat is mijn stapsgewijze aanpak. Voor dit moment doe ik wat ik kan, mede gelet op het feit dat de werkelijkheid zich voor een deel al gevoegd heeft naar realistisch, evenwichtig handelen in de scholen. Die tendens moeten wij versterkt doorzetten. Dat beoog ik ook met mijn actieplan, waaraan mevrouw Smits ook warme steun verleent.
17 mei 2011 omstreeks 16:29 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
De minister zegt het allemaal heel mooi en het klinkt hartstikke goed. Ik vind een appel op de sector echter wat vrijblijvend. Nog steeds worden in de kenniscentra immers heel grote, mooie, dikke kwalificatiedossiers vastgesteld, waaraan 25 competenties ten grondslag liggen. Dat is het eerste ijkpunt waaraan de kennis en de vaardigheden van deze jongeren worden getoetst. Ik vraag de minister nogmaals: kunnen wij die competenties niet uit de kwalificatiedossiers halen? Ik vertrouw de docent die de betreffende jongedame of jongeheer opleidt tot kapper. Ik weet dat deze docent, als hij de jongere leert knippen, ook zal zeggen: vraag even hoe het met die mevrouw gaat. Zo werkt het. Dat hoeven wij niet vast te leggen; daar hebben wij die competenties niet voor nodig. Kunnen wij deze niet helemaal uit de kwalificatiedossiers halen?
17 mei 2011 omstreeks 16:32 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Ik denk dat het bedrijfsleven dat buitengewoon zou betreuren, omdat houding relevanter is geworden dan vroeger het geval was. Houding betreft niet alleen je inzetbaarheid op de plek waar je zit, maar ook de universele persoonlijkheidskenmerken die je moet ontwikkelen om in het arbeidsproces goed te functioneren. Ik kan mij wel voorstellen dat er straks, bij de actualisatie, wordt nagegaan hoeveel je er nu aan moet toevoegen. Dat was het punt van de heer Dijkgraaf. Moeten het er nu zoveel zijn? Mevrouw Smits spreekt over 25 competenties, maar laten wij met elkaar vaststellen dat dit echt de hele set is. Zoveel zitten er nooit bij één kwalificatie, want dat zijn er minder; die zijn gemaximeerd.
Een goede mbo'er hoort ten aanzien van bepaalde aspecten een bepaalde houding te hebben. Als je verpleegkundige bent, hoort er gelet te worden op je communicatie en je alertheid. Omdat mensen zelf niet uit hun bed kunnen komen, moet jij attent zijn. Ik hoop dat er op dat soort zaken wordt gelet. Dat vind ik wel een beroepsvereiste, om het zo maar te zeggen. De vraag is: welke plek hebben ze gekregen? De plek is, mede door de naamgeving van de wet en de wijze waarop een en ander is opgesteld in een kwalificatiedossier, te dominant geworden. Dat wil ik aanpakken. Het kan best zijn dat uit de evaluatie blijkt dat er behoefte is aan een compacter stel competenties, of laat ik zeggen: houdingsaspecten. Laten wij nu niet die termen door elkaar halen. Dan zal ik niet zeggen: mensen, maak er 25 van, in plaats van die tien of twaalf. Dan vind ik het prima om in te krimpen. Dat moet dan wel evenwichtig gebeuren, want nogmaals: het is voor het onderwijs en het bedrijfsleven. Het bedrijfsleven hecht wel aan die zaken en zegt: mag ik iemand hebben die het kan en die weet hoe het moet? Dat is eigenlijk dezelfde roep als die van mevrouw Smits.
17 mei 2011 omstreeks 16:34 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Even kijken of ik de uitleg van de minister goed begrijp. Zij zal een correctieve operatie uitvoeren op de naam van deze wet, waarbij zij de term "competentie" eruit haalt -- dat is hartstikke goed, want het is een lelijk woord -- maar eigenlijk verandert er niet zo veel; in de toekomst zullen wij dan zien of het compacter kan.
17 mei 2011 omstreeks 16:36 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart (CDA)
Nee, dat is niet waar.
17 mei 2011 omstreeks 16:37 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Debatitem
Ik wil dit graag heel precies begrijpen. Ik begrijp het streven van de minister, maar wij hebben niet voor niets Kamerbreed ontzettend veel kritiek gehad op al die competenties. Het zou fijn zijn als het streven van de minister dan ook is om het aantal te verminderen.
17 mei 2011 omstreeks 16:37 via Competentiegerichte kwalificatie... - Link - Delen
Titel: Competentiegerichte kwalificatiestructuur
Omschrijving: Aan de orde is de voortzetting van de behandeling van:
Vergadering: Nummer (17 mei 2011)
Voorzitter: Gerdi Verbeet
Disclaimer: Uit deze ongecorrigeerde tekst mag niet worden geciteerd. Aan deze tekst kunnen geen rechten worden ontleend.
Sprekers in dit debat:
“Onze medewerkers moeten eerst op training voordat ze ons intranet begrijpen. Dat moet toch beter kunnen!”
Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken. Zo bespaart u veel geld op trainingen. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.
Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?