Begroting Immigratie en Asiel

Debat in de Tweede Kamer op 17 november 2011

  1. Voorzitter

    (Zie vergadering van 15 november 2011.)

    17 november 2011 omstreeks 10:15 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  2. Voorzitter

    De algemene beraadslaging wordt hervat.

    17 november 2011 omstreeks 10:15 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  3. Voorzitter

    We gaan vandaag het antwoord van de regering beluisteren. Ik heet minister Leers van harte welkom. Ik neem aan dat hij een indeling heeft in blokken. Ik hoop dat hij ons daarin eerst inwijdt. Daarna moeten we zo veel mogelijk proberen om aan het einde van een blok niet de discussie nog een keer over te doen. Dat is mijn verzoek.

    17 november 2011 omstreeks 10:15 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  4. Gerd Leers (CDA)

    Voorzitter. Ik dank de voorzitter voor haar vriendelijke woorden. Ook dank ik de woordvoerders van de fracties voor hun inbreng. Ik stel de Kamer inderdaad voor om te beantwoorden in een aantal blokken. Ik begin met een aantal inleidende woorden. Vervolgens zal ik kort ingaan op vier blokken, namelijk asiel, reguliere immigratie, de handhaving en ten slotte de internationale dimensie van mijn portefeuille, Europa.

    We hebben in deze Kamer de laatste tijd veel gesproken over het vreemdelingenbeleid en dan met name over het asielbeleid. We hebben daarbij gezien en ervaren dat het onderwerp veel emoties met zich meebrengt, zeker bij mensen die hier lang zijn. Als vreemdelingenbeleid een gezicht krijgt, dan realiseren we ons iedere keer weer dat we praten over mensen. Ook horen we allemaal de vraag hoe het toch kan dat mensen hier zo lang zonder verblijfsvergunning kunnen blijven. Die vraag hebben alle fracties zich gesteld. Ik zeg dan ook dat dit de kern is van de aanpak die ik voorsta. Door korte procedures in te voeren en daadwerkelijk vertrek te bewerkstelligen als mensen zijn uitgeprocedeerd, hoop ik te kunnen bewerkstelligen dat we straks niet meer geconfronteerd gaan worden met mensen die hier vele, vele jaren zijn. Ik ben er erg blij mee dat alle fracties dat hebben onderstreept. Ik zeg met nadruk dat het misschien wel de belangrijkste, maar tegelijkertijd ook de moeilijkste opgave is van mijn ministerschap om dat te realiseren. Het is namelijk een weerbarstige materie. Ik hoop dan ook van harte dat we de onderlinge vastberadenheid op dit punt kunnen vasthouden.

    Mijn portefeuille strekt zich grofweg over drie domeinen uit: de binnenkomst van migranten, hun opvang tijdens het verblijf hier en het vertrek als het asielverzoek of het verblijfsrecht is afgewezen. De intenties zijn de leden bekend: een streng en rechtvaardig immigratiebeleid, snel duidelijkheid bieden zonder overigens afbreuk te doen aan zorgvuldigheid, maar ook mensen goed behandelen tijdens de opvang. Zorgvuldige begeleiding en goede opvang hoort daarbij. Vooruitlopend op een discussie die we zeker nog gaan krijgen, zeg ik hier al dat die opvang nog efficiënter kan, met duurzame opvanglocaties en een buffer voor plotselinge groei als uitgangspunten. Als we in de toekomst meer uitgaan van centra van minimaal 400 inwoners, kunnen we wellicht ook met minder centra gaan werken.

    Een derde belangrijk onderdeel van het beleid is dat het beleid consequent is. Als je geen verblijfsvergunning hebt, betekent dit ook dat je daadwerkelijk terugkeert. Daar ga ik werk van maken met de terugkeerbrief.

    Naast asiel zijn er op het reguliere migratieterrein belangrijke veranderingen in gang gezet. Zo werk ik aan maatregelen om kansarme migratie tegen te gaan. Voorstellen daarvoor liggen bij de Raad van State en voor de overige voorstellen werk ik aan draagvlak onder EU-landen. Ik kom daar straks nog uitgebreid op terug. Ook zijn wij bezig met het binnenhalen van kwaliteiten. Doel daarvan is Nederland sterker te maken en niet zwakker.

    Ons beleid heeft de afgelopen jaren vooral in het teken gestaan van wat wij willen en kunnen doen voor mensen die van elders komen. Maar zoals ik eerder heb aangegeven, vind ik het ook op z'n plaats dat wij ons afvragen wat mensen voor Nederland kunnen betekenen. Gelukkig kiezen steeds meer talentvolle mensen ervoor om naar Nederland te komen. En dat zegt iets over de kracht en de vitaliteit van ons land. Immigratie kan ons helpen om die kracht in stand te houden, maar dan moeten wij het wel in goede banen leiden. En dat is een niet mis te verstane opgave.

    De kernboodschap die ik in mijn algemene inleiding naar voren wil brengen, is dat het immigratie- en asielbeleid op koers ligt. Er ligt een groot pakket op alle hoofdonderwerpen met concrete wetgeving voor ombuiging, beheersing en vermindering van de migratiestromen. Ik noem als onderdeel van het pakket de beleidsvisie Stroomlijning toelatingsprocedures. Eind december, begin januari krijgt de Tweede Kamer dat hele pakket. Nu vindt er een externe toets plaats en daarna gaat het naar de Raad van State. Verder heeft de Kamer een brief ontvangen over het terugkeerbeleid. Er ligt een samenhangend pakket voor de aanpak van de illegaliteit; de beleidsvisie is besproken in de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel ligt nu bij de Raad van State. Ten slotte zijn wij ook bezig met de Europese discussie over de aanpassing van de richtlijnen. Ik zal er dadelijk nog iets over zeggen.

    Dat totale pakket ligt er. En dat is niet mis te verstaan. Maar deze opsomming betreft vooral de bestuurlijke kant van de zaak en ik wil hier ook ter afsluiting nog kort stilstaan bij de uitvoerende kant, want die is net zo belangrijk. De Kamer heeft het afgelopen jaar veel werkbezoeken afgelegd en net als ik met eigen ogen gezien hoe de vele medewerkers in de vreemdelingenketen hun werk doen, of dat nu in asielgesprekken is, bij de medische zorg of in de opvang en de begeleiding bij de terugkeer. Wat mij daarbij elke keer weer opvalt, is de grote betrokkenheid en het oog voor de menselijke maat. Voor deze medewerkers is het vreemdelingenbeleid iedere dag een gezicht. Ik heb dan ook -- en dat wil ik hier graag uitspreken -- buitengewoon veel waardering voor de manier waarop ze hun werk doen.

    Voorzitter. Het lijkt mij goed om aan het begin van mijn termijn stil te staan bij de discussie over de aantallen. Er circuleren allerlei cijfers over de instroom van migranten. Dan rijst natuurlijk de vraag waarover wij het nu precies hebben. Verschillende afgevaardigden spraken over een recordaantal migranten en anderen vroegen zich op hun beurt weer hardop af of het beleid wel effect heeft. Ik zou dat record in grote lijnen eens op waarde willen schatten.

    Laat ik beginnen met de cijfers van het CBS. Het CBS heeft voor 2010 een totale instroom van 154.000 migranten genoteerd. Dat lijkt een groot aantal, maar het betreft wel alle personen die vorig jaar naar Nederland zijn gekomen, dus ook de Europese ingezeten die in het kader van het vrije verkeer van personen en goederen naar Nederland mogen komen. Dat zijn er maar liefst 60.000. Daarnaast betreft het 40.000 mensen met de Nederlandse nationaliteit. Samen zijn dat 100.000 personen van de 150.000. Twee derde van de groep betreft dus mensen die EU-onderdaan of Nederlander zijn.

    De groei in 2010 zat vooral in de immigratie vanuit andere EU-lidstaten -- Duitsland, het Verenigd Koninkrijk, België -- en Turkije. Wat ik hiermee wil zeggen, is dat het hier om personen gaat die niet onder het toelatingsbeleid vallen, waarvoor ik verantwoordelijk ben. EU-onderdanen en Nederlanders hoeven immers geen toelatingsaanvraag te doen. Daar kan ik dus ook geen beleid op voeren. Ik kan er evenmin op worden aangesproken, sterker nog: ik heb helemaal de instrumenten niet om dat te beïnvloeden.

    Ik kan wél aangesproken worden op de toelatingscijfers van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), die verblijfsvergunningen beoordeelt en verleent, zowel bij asielaanvragen als bij reguliere aanvragen. Ik heb er behoefte aan om dit duidelijk neer te zetten. Anders gaan allerlei verhalen de ronde doen.

    Laten we die cijfers nou eens onder de loep nemen. Asielinstroom blijkt in de afgelopen jaren te zijn gedaald. Uit de rapportage vreemdelingenketen die ik de Kamer onlangs heb gezonden, blijkt dat de asielinstroom is gedaald tot circa 15.000 in 2010. Ik kan daarbij vermelden dat deze daling zich in het eerste halfjaar van 2011 nog doorgezet heeft, met opnieuw 2%. Nederland is door deze daling gezakt in de rangorde en staat nu op plaats zes, zeven in Europa. Dat is nog steeds zeer behoorlijk, maar door lagere aantallen asielaanvraag staan we lager in de rangorde dan andere Europese landen. In België en Italië is de asielinstroom bijvoorbeeld gestegen.

    Behalve de asielinstroom is er de reguliere instroom. Ik geef de IND-cijfers. Daar ga ik als minister over. Bij de reguliere instroom hebben wij het over drie categorieën: mensen die hiernaartoe komen vanwege arbeid -- het gaat hierbij dus niet over EU-onderdanen -- mensen die van elders hiernaartoe komen om te studeren en mensen die hiernaartoe komen vanwege de liefde: voor gezinsvorming of gezinshereniging.

    In totaliteit gaat het bij de asielinstroom om 55.000 mensen. De asielinstroom valt onder mijn verantwoordelijkheid. Circa 10.000 toelatingsaanvragen worden gedaan in verband met werk, waaronder kennismigratie. Ook voor studie zijn in 2010 10.000 aanvragen gedaan. Beide categorieën, werk en studie, zijn in het eerste halfjaar van 2011 gestegen. Van de 55.000 migranten die via de IND een toelatingsvergunning hebben gekregen, zijn dus 10.000 migranten gekomen vanwege werk en 10.000 vanwege studie. De grootste groep van de toelatingen betreft gezinsmigranten. Het gaat hierbij om gezinsvorming of gezinshereniging. Het aantal dat in dit kader naar Nederland komt, schommelt. Elk jaar komen er 20.000 à 21.000 gezinsmigranten naar Nederland. In 2010 kwamen er voor gezinsvorming ongeveer 8000 migranten naar Nederland. In 2011 is dit aantal gedaald met 4%. Een ander beeld zien we bij de gezinshereniging. Daarvoor werden in 2010 12.000 aanvragen gedaan, maar dit aantal is begin 2011 gestegen met maar liefst 21%. Dat heeft natuurlijk vragen opgeroepen. Waardoor is deze stijging ontstaan? Heeft de minister onvoldoende instrumenten? Het is goed om te analyseren waardoor deze stijging is ontstaan. Dat heb ik gedaan op basis van de cijfers.

    Zonder dat ik er voor 100% duidelijk en hard in kan zijn, stel ik vast dat de nationaliteiten die het meeste voorkomen bij gezinshereniging overeenkomen met de nationaliteiten die het meeste voorkomen bij kennismigratie. Veel landen waar kennismigranten vandaan komen, laten dus ook een stijging zien wat betreft de gezinshereniging. Dat brengt ons tot de conclusie dat het met name de familie van kennismigranten is die voor gezinshereniging naar Nederland komt. Het gaat hierbij om mensen met een Indiase, Chinese, Amerikaanse, Japanse en Turkse nationaliteit. Conclusie: er is een sterk vermoeden dat de stijging die we zien bij gezinshereniging, vooral te maken heeft met kennismigranten die hun gezin hiernaartoe halen.

    Ik had er behoefte aan om deze cijfers te noemen, omdat ze één ding duidelijk maken: de stijging wordt niet veroorzaakt door asiel of door nareizen. Want familieleden die in het kader van asiel nareizen, vragen een asielvergunning aan, geen reguliere vergunning.

    In het aantal verleende asielvergunningen in het kader van nareizen is bovendien een daling van maar liefst 38% te zien. Die daling heeft te maken met onze scherpe aanpak op het gebied van Somaliërs, met de fraudebestrijding. Waarmee ik maar gezegd en ook aangetoond wil hebben dat wij wel degelijk op een effectieve manier bezig zijn om de omvang van de migratiestromen waar wij grip op hebben, te beïnvloeden.

    Kern is dat wij ons in de discussie over aantallen migranten goed moeten realiseren dat er vooral veel EU-onderdanen naar Nederland zijn gekomen en dat er veel Nederlanders uit het buitenland zijn teruggekomen. Mijn beleid heeft vooral betrekking op de groep die via de IND een verblijfsvergunning aanvraagt. Ik heb het over 50.000 tot 55.000 mensen. Dat aantal heb ik in drie categorieën verdeeld, namelijk werk, studie en gezin. Ik heb aangetoond dat ik mij op de categorie "gezin" richt om te proberen te voorkomen dat er kansarme mensen naar Nederland komen.

    17 november 2011 omstreeks 10:16 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  5. Gerard Schouw (D66)

    Ik complimenteer de minister oprecht voor deze duidelijke uiteenzetting over de aantallen. Ik heb de hoop dat degene voor wie deze boodschap bedoeld is, haar ook heeft ontvangen. Vindt het kabinet de gezinshereniging die kennismigranten nastreven erg?

    17 november 2011 omstreeks 10:36 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  6. Gerd Leers (CDA)

    De heer Schouw heeft in zijn eerste termijn een zeer terechte vraag gesteld over artikel 8 EVRM. Hij vroeg of, zoals mevrouw Malmström in eerdere artikelen heeft aangegeven, mensen het recht hebben op gezinsvorming en gezinshereniging. Ik zeg volmondig tegen de heer Schouw dat mensen dat recht hebben. Daar doe ik geen spat vanaf. Het is ontzettend belangrijk dat mensen die hier toegelaten zijn het recht blijven houden om hun gezin te herenigen. Dat recht is echter niet volkomen in die zin dat men alle mogelijkheden heeft. Er zijn beperkingen. Daar kom ik straks over te spreken als wij het over Europa hebben.

    17 november 2011 omstreeks 10:36 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  7. Gerard Schouw (D66)

    Ik ben blij met dit antwoord. De minister zegt namens het kabinet dat gezinshereniging van kennismigranten niet erg is.

    17 november 2011 omstreeks 10:37 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  8. Gerard Schouw (D66)

    Gezinshereniging is wel aan regels onderhevig, maar is niet erg. Ik wil een beetje af van de vreselijke kwalificatie. Ik probeer te proeven hoe het kabinet de inbreng van de PVV-fractie waardeert dat die aantallen echt omlaag moeten. Volgens die fractie moet er van alles en nog wat gebeuren. Er moet een tandje bij. De minister zegt nu dat hij beleid heeft ingezet en dat hij ervan uitgaat dat dit effect heeft. Begrijp ik hem goed dat hij geen extra maartregelen zal nemen naar aanleiding van de oproep van de PVV-fractie?

    17 november 2011 omstreeks 10:38 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  9. Gerd Leers (CDA)

    Met mijn overzicht wilde ik in de eerste plaats duidelijk maken waar de Kamer mij op kan aanspreken. Ik wil straks niet aangesproken worden op of verantwoordelijk gesteld worden voor ontwikkelingen waar ik niets aan kan doen, waar ik geen instrument voor heb. Ik breng de zaak terug tot de kern. Twee derde van de cijfers van het CBS is niet te beïnvloeden, dus in feite heb je het nog maar over een derde. De heer Schouw vraagt zich daarop af of het allemaal nog wel zo erg is.

    In het regeerakkoord -- en daar heb ik voluit voor getekend -- staat dat wij beleid gaan voeren op de asiel- en migratiestromen en dat wij inzetten op ombuiging, beheersing en vermindering. Dat behoort tot de primaire doelstellingen van dit kabinet. Dat onderschrijf ik dus ten volle. Wij hebben het over 55.000 mensen. Als ik daar de categorieën arbeid en studie van aftrek, heb ik het over een groep van 25.000 tot 35.000 mensen. Bij die groep geldt een potentieel gevaar dat mensen naar Nederland komen die niet kunnen meedoen; mensen die onvoldoende perspectief hebben om hier hun toekomst op te bouwen. Daar zijn de maatregelen voor bedoeld. Ik heb het dan zowel over het groenboek als over onze eigen activiteiten. Ik kwalificeer dit beleid beslist niet als iets kleins.

    Als we dat zouden toelaten, als we daar niets aan zouden doen, zouden grote groepen mogelijk kansarme mensen zich in Nederland kunnen vestigen, met alle problemen van dien.

    17 november 2011 omstreeks 10:38 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  10. Gerard Schouw (D66)

    Tot slot herhaal in mijn tweede vraag, omdat ik het gevoel heb -- misschien ligt dat aan mij -- dat ik er niet helemaal een antwoord op heb gekregen. Ik vroeg of het kabinet een aantal noodmaatregelen gaat nemen en extra beleid gaat ontwikkelen omdat de PVV-fractie zegt: onze steun aan dit kabinet is van de resultaten afhankelijk en die moeten in 2012 zichtbaar worden. Gaat het kabinet iets extra's doen, of zegt het kabinet dat het een lijn heeft ingezet en die gewoon afwandelt?

    17 november 2011 omstreeks 10:41 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  11. Gerd Leers (CDA)

    Dat laatste. Ik heb mij verbonden aan het regeerakkoord. Daarin staat: ombuiging, beheersing en vermindering. Zelfs zeer substantiële vermindering. Ik heb maatregelen in gang gezet die dat beogen en ik deel de opvatting dat die in het komende jaar, en zeker in de jaren daarna, als we de Europese maatregelen in gang hebben gezet, daadwerkelijk zullen leiden tot die vermindering.

    17 november 2011 omstreeks 10:42 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  12. Tofik Dibi (GroenLinks)

    Ik probeer te duiden wat de minister precies zegt. GroenLinks heeft gepleit voor een nuchtere analyse en dit klonk als een heel nuchtere analyse. Eigenlijk zei de minister: wie spreekt van massa-immigratie doet aan massamanipulatie. Het leek echter ook alsof de minister zich alvast aan het indekken was voor volgend jaar. Hij zei namelijk dat hij van de 154.000 immigranten in 2010 alleen verantwoordelijk gehouden kan worden voor ongeveer 50.000 immigranten. En dan niet die van werk en studie, maar die van liefde, namelijk gezinsvorming en gezinshereniging. Dat zijn er 35.000. Op dat gebied wil de PVV volgend jaar één immigrant minder. Wat is de doelstelling van de minister voor volgend jaar?

    17 november 2011 omstreeks 10:42 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  13. Gerd Leers (CDA)

    Eerst een kleine correctie. Gezinshereniging en gezinsvorming betreft geen 35.000, maar 20.000 à 21.000 mensen. Dat is het heldere beeld. Precies zoals de heer Dibi zegt, wil ik een nuchtere, zakelijke analyse maken van het werk waar ik mij mee bezig houd. Ik denk dat de heer Dibi het volstrekt met mij eens is dat je als minister alleen kunt sturen als je instrumenten hebt, als je ook kunt sturen en iets af kunt dwingen. Op het terrein van EU-onderdanen en Nederlanders heb ik geen sturingsinstrumenten. Zij mogen naar Nederland komen.

    Dan resteert dus de groep waar ik het over had, van 55.000 mensen. Die groep heb ik uitgesplitst in arbeid en gezinnen. Voor arbeid hebben we al heel effectieve maatregelen genomen. Je moet een tewerkstellingsvergunning hebben; daar gaat minister Kamp over. Voor studie hebben we ook maatregelen genomen. Je kunt niet zomaar in Nederland komen studeren. De groep van de gezinnen bedraagt ongeveer 20.000 mensen. Om de optelsom compleet te maken is er nog een groep van zo'n 15.000 diplomaten, mensen buiten schuld en anderen. Het is een verzamelcategorie, die ik een keer kan uitsplitsen voor de Kamer.

    Het gaat om de groep van 20.000 à 21.000 mensen die hier komen om een gezin te vormen of een gezin te herenigen. En daar zijn deze maatregelen op gericht. Ik heb al gezegd dat ik geloof in deze maatregelen. Ze gaan pas werken als ze ingevoerd zijn, maar ik ben ervan overtuigd dat ze, zodra we ze hebben ingevoerd, effect zullen hebben. Ik verwacht dat de effecten in het komende jaar zichtbaar zullen zijn. Ik reken er dus op dat in 2012 een aantal van de maatregelen die we hebben ingevoerd rond de gezinshereniging effect zullen hebben in de aantallen.

    17 november 2011 omstreeks 10:44 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  14. Tofik Dibi (GroenLinks)

    De minister zegt dat er vorig jaar ongeveer 154.000 mensen naar Nederland toe kwamen en dat we hem op 100.000 van die mensen nooit moeten aanspreken omdat hij daar niets over te zeggen heeft. De PVV of wie dan ook kan daar dus nog zoveel herrie over schoppen, maar de minister kan daar niets mee. Dan blijven er nog ongeveer 54.000 over.

    17 november 2011 omstreeks 10:47 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  15. Tofik Dibi (GroenLinks)

    Daar zitten ook allerlei categorieën in. Aan veel van die categorieën gaat de minister ook niets doen. De minister kan sturen op gezinsvorming en gezinshereniging. Dat gaat om 20.000 mensen. De minister zegt dat hij een aantal maatregelen gaat nemen, die volgend jaar worden geaccordeerd. Kan de minister die maatregelen noemen?

    Volgend jaar zegt de minister resultaten te zullen zien. Wat zijn die resultaten dan precies? Is dat, zoals de PVV vraagt, één immigrant minder? Of zijn het er meer?

    17 november 2011 omstreeks 10:47 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  16. Gerd Leers (CDA)

    Ik heb steeds gezegd dat ik me niet laat afrekenen op concrete aantallen. Dat is bij verschillende debatten gewisseld. Ik sta voor 100% achter het regeerakkoord, met ombuiging, beheersing en vermindering. Die vermindering zal zeer substantieel zijn na invoering van de maatregelen. De verwachting is dat we begin 2012 een aantal maatregelen aan het werken hebben.

    Als we in 2013 terugkijken op 2012 denk ik dat we kunnen concluderen dat het gewerkt heeft. Ik geloof namelijk in die maatregelen.

    Wat zijn die maatregelen? We hebben een groot pakket naar voren gebracht. Ten eerste gaat het om de stroomlijning van asielprocedures. Dat vind ik belangrijk omdat daarmee de duur van de behandeltijd verkort gaat worden. De Kamer krijgt dat pakket voor het eind van het jaar. Er vindt nu een ex ante uitvoeringstoets plaats. Ik verwacht dat het pakket rond het begin van het tweede kwartaal van 2012 naar de Raad van State gaat. Ten tweede hebben we het ontwerpbesluit aanscherping eisen gezinsmigratie. Dat ontwerpbesluit ligt al bij de Raad van State. De advisering daarover wordt een dezer dagen verwacht. De inhoud daarvan is de leden bekend, want we hebben daarover gesproken. Het gaat om de beperking van het kerngezin, de beperking tot partners die geregistreerd of gehuwd zijn, een wachttermijn van één jaar en de verlenging van de vereiste termijn om in aanmerking te komen voor voortgezet zelfstandig verblijf van drie naar vijf jaar. Ten derde is er een ontwerpbesluit tot afschaffing van twee vrijstellingen rond de machtiging tot voorlopig verblijf. Dat is een AMvB. Voor het ontwerpbesluit geldt een voorhangprocedure en van de beide Kamers is de inbreng hiervoor ontvangen. Ik ga dat verder afwikkelen. Ten slotte hebben we nog de wetgeving over de strafbaarstelling en over de herschikking van de asielgronden. Daar zit ook het punt bij waarop de heer Fritsma namens de PVV zo heeft aangedrongen, namelijk het scheiden van asiel en regulier, zodat je straks alleen nog in het buitenland een aanvraag kunt doen voor regulier.

    17 november 2011 omstreeks 10:48 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

  17. Tofik Dibi (GroenLinks)

    Ik stelde twee vragen. Welke maatregelen zullen volgend jaar ingevoerd zijn die effect hebben op gezinsvorming en gezinshereniging? Welke resultaten zullen dan zichtbaar zijn? De minister noemt een aantal maatregelen en heel veel asielmaatregelen, maar daar vroeg ik niet om. Ik hoorde hem twee maatregelen noemen die gericht zijn op gezinsvorming en gezinshereniging en dat zijn de maatregelen voor gezinsmigratie en omtrent de mvv-aanvraag. Wat zullen de concrete resultaten zijn op dat gebied?

    Daarnaast zegt de minister dat hij zich niet laat afrekenen op concrete resultaten. Tegelijkertijd zegt hij dat er sprake zal zijn van een substantiële vermindering van de instroom. Dat kan niet allebei. Óf de minister zegt dat hij zich niet laat afrekenen op getallen en wel zal zien wat het resultaat van de maatregelen is. Dat zou een eerlijk en duidelijk verhaal zijn. Óf de minister zegt dat hij zich wel laat afrekenen op een vermindering. En dan wil ik graag weten wat die vermindering zou moeten zijn in vergelijking met de 20.000 of 21.000 van 2011.

    17 november 2011 omstreeks 10:52 via Begroting Immigratie en Asiel - Link - Delen

Over dit debat

Bericht van de makers

“Ehm... waar zat dat knopje om een bonnetje uit te printen nou ook al weer?”

Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken, zodat uw klanten nooit meer hoeven te zoeken naar een bepaalde funtie. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?