Begroting Defensie

Debat in de Tweede Kamer op 30 november 2011

  1. Hans Hillen (CDA)

    Voorzitter. Ik dank de geachte afgevaardigden allemaal voor hun inbreng in de eerste termijn. Ik wil beginnen met iets waarover wij het allemaal eens zijn. Ik constateer met vreugde dat de schadevergoeding voor de zogenaamde oude veteranen tot stand is gekomen. Ik ben daarover net zo blij als u. Binnenkort zitten wij samen achter de regeringstafel in de Eerste Kamer en ik vind het buitengewoon plezierig dat wij daar met elkaar met een volledig bepakte plunjezak aanwezig kunnen zijn en de zaak daar kunnen afdoen. Er is nu 110 mln. vrijgemaakt en de regeling kan nader worden uitgewerkt in het sectoroverleg met de centrales van overheidspersoneel. Wij streven ernaar om een weging te maken met een forfaitair karakter, zodat deze snel kan worden ingevoerd. Het personeel, jong en oud, uitgetreden of in dienst, is de ruggengraat van onze organisatie. Als burger salueer ik natuurlijk niet, maar ik salueer toch voor al onze militairen die op dit moment over de wereld ingezet zijn voor vredestaken en die op hun manier, conform de wijze die in de Kamer is afgesproken, een bijdrage leveren aan de verbetering van kleine stukjes van de wereld. Defensiepersoneel is dag en nacht aan de gang, bij Defensie gaat de zon nooit onder. Elke minuut van de dag zijn Nederlandse Defensiemensen bezig hun werk te doen en ik heb daar groot respect voor. Daarom wil ik mijn inbreng beginnen met het uitspreken van dat respect.Al onze mensen, uitgezonden of niet, moeten een forse reorganisatie ondergaan. Zij hebben daarbij ook al onze steun nodig. Ik besef als geen ander dat duidelijkheid over de toekomst een belangrijke steun is die ik te bieden heb. De manier waarop ik dat wil doen, is de krijgsmacht zo snel mogelijk weer op orde te brengen. Vertragingen doen alleen maar ontzettend veel meer pijn. Elke vertraging betekent niet alleen meer kosten, maar betekent ook uitstel van executie.Ik roep iedereen die daarmee te maken heeft ook op om het snel, degelijk en duidelijk te doen. Als wij het snel uitvoeren, hoop ik dat wij zo snel mogelijk niet alleen de krijgsmacht op orde kunnen hebben, maar ook dat het personeel weer optimaal gemotiveerd kan zien bij de collega's binnen de krijgsmacht, dat die klaar is voor de toekomst en daar helemaal voor is ingericht.Wij hebben in het wetgevingsoverleg over het personeel uitgebreid gesproken over de vele aspecten van het personeelsbeleid. Om die reden is de aandacht in deze begrotingsbehandeling vooral op andere onderwerpen gericht. Ik hecht er echter aan om aan het begin van deze begrotingsbehandeling aan te geven dat het defensiepersoneel mij dierbaar is en dat ik mij zal blijven inzetten voor hun welzijn. En als er mensen bij ons weg moeten, wil ik dat zo verantwoord mogelijk doen. In dat verband wil ik ook mijn tevredenheid uitspreken over het SBK dat afgesproken lijkt te zijn, maar dat nog afgerond moet worden, met de bonden. De cao is nog een puntje apart, maar het SBK lijkt mij een goede basis om het personeel dat de defensieorganisatie zou moeten verlaten, te laten zien dat ze een goede werkgever hebben gehad, die ook hun belangen zo goed mogelijk probeert te dienen.

    30 november 2011 omstreeks 16:58 via Begroting Defensie - Link - Delen

  2. Angelien Eijsink (PvdA)

    Ook ik ben zeer te spreken -- dat dacht ik althans -- over het sociaal beleidskader, maar wat schetst mijn verbazing? Ik heb zojuist het bericht gezien

    30 november 2011 omstreeks 17:04 via Begroting Defensie - Link - Delen

  3. Hans Hillen (CDA)

    Ik hoop dat zowel de bonden als wij voortdurend de zwaarte van die verantwoordelijkheid blijven voelen. Tot nu toe was de verhouding met de bonden, ondanks de verschillen van inzicht, zodanig dat wij met elkaar in gesprek konden blijven. Volgende week hebben wij centraal overleg. Ik zal daar zelf ook weer bij zijn en ik zal dan een beroep op de bonden doen om met ons het gesprek constructief te voeren. De uitslag van de raadpleging van de leden tekent zich af en wij gaan met elkaar kijken waar wij uit kunnen komen. Ik heb er nog steeds alle vertrouwen in dat wij met de bonden tot een goed akkoord kunnen komen.

    30 november 2011 omstreeks 17:04 via Begroting Defensie - Link - Delen

  4. Angelien Eijsink (PvdA)

    Vertrouwen ergens in hebben, is heel goed, maar als ik nu al de reactie van de ACOM en de AFMP lees, dan denk ik

    30 november 2011 omstreeks 17:05 via Begroting Defensie - Link - Delen

  5. Hans Hillen (CDA)

    Een van de politieke klassiekers is om niet in te gaan op als-vragen. Ik weet niet of het gaat gebeuren. Ik heb gezegd dat de verhoudingen met de bonden over het algemeen uitstekend zijn. Wij luisteren goed naar elkaar. Defensie luistert goed naar de bonden en de bonden luisteren goed naar wat wij te bieden hebben. Het overleg is constructief. Ik ga het overleg op 6 december ook constructief in. Maar ik hoor natuurlijk ook wat er gezegd wordt. Wij gaan proberen om daar samen uit te komen. Ik heb daar vertrouwen in.

    30 november 2011 omstreeks 17:06 via Begroting Defensie - Link - Delen

  6. Voorzitter

    Ik maak even van de gelegenheid gebruik, mijn excuses, minister. Er heeft een voorzitterswisseling plaatsgevonden en de vorige voorzitter heeft mij gevraagd om het volgende nog even aan u mee te delen. Er zijn schriftelijke antwoorden ontvangen op vragen, gesteld in eerste termijn.Deze antwoorden zullen worden opgenomen in een bijvoegsel bij de Handelingen van deze vergadering.(Het bijvoegsel is opgenomen aan het eind van deze editie)<1>

    30 november 2011 omstreeks 17:06 via Begroting Defensie - Link - Delen

  7. Voorzitter

    Ik zeg ook maar vast dat ik ook geïnstrueerd ben over de aantallen interrupties.De minister vervolgt zijn beantwoording.

    30 november 2011 omstreeks 17:07 via Begroting Defensie - Link - Delen

  8. Hans Hillen (CDA)

    Voorzitter. Ik ken u als streng doch rechtvaardig. Het komt dus allemaal wel goed.Ik noemde al het onderwerp krijgsmacht op orde. Dat is het tweede blokje waar ik over zal spreken, nadat ik als eerste ben ingegaan op de internationale samenwerking. Het derde blokje is de inrichting van de organisatie. Het vierde de nationale inzet. Het vijfde HGIS en VPD's. Daarna komen er nog een aantal kleinere onderwerpen aan de orde.Eerst de internationale samenwerking, een punt dat mijn grote aandacht heeft.Ik heb al eerder gezegd dat Nederland daarin meer vooroploopt dan andere landen. Ik vind het ontzettend jammer dat andere landen op dat punt trager reageren. Als wij in deze internationale instabiele wereld onze veiligheid goed willen blijven waarborgen, niet alleen omdat er strijd zal zijn maar ook omdat strijd voorkomen moet worden, zullen wij ervoor moeten zorgen dat wij onze defensiemiddelen op orde houden. Ook in onze verhoudingen binnen het bondgenootschap met de VS is het echt hoog tijd dat Europa laat zien dat zij haar inspanningsverplichting serieus neemt, zowel in termen van budgettaire middelen als in termen van samenwerking en optimaal gebruik proberen te maken van die middelen. Internationale samenwerking gaat voor mij niet alleen om geld besparen en minder geld uitgeven. Je moet wel proberen om ook efficiencyvoordelen te krijgen, maar het gaat ook om het vergroten van de slagkracht. Het gaat er ook om dat je kunt ingrijpen als dat nodig is en dat je dat doeltreffend en zo snel mogelijk kunt doen.De NAVO blijft een garantie voor veiligheid op het Europese continent. De gezamenlijke commando- en infrastructuur blijft onmisbaar voor effectief optreden. Ook de EU speelt een effectieve rol bij het stabiliseren en voorkomen van veiligheidsproblemen, maar het is vooral aan de landen zelf om hun militaire vermogen zo veel mogelijk op peil te houden. Zij moeten meer dan ooit hun inspanningen beter coördineren. Daarbij moeten zij vormen van defensiesamenwerking overwegen die voorheen misschien ondenkbaar lijken. Dat geldt zowel voor de ondersteuning als voor de uitvoering en ongeacht of het om vaartuigen, voertuigen of vliegtuigen gaat. Wij moeten het taboe doorbreken dat elk land alles zelf moet kunnen en alles zelf moet hebben, maar wij moeten onze doelstellingen ook niet over de heg gooien naar de andere landen en tegen hen zeggen

    30 november 2011 omstreeks 17:07 via Begroting Defensie - Link - Delen

  9. Marcial Hernandez (PVV)

    Ik hoor de minister zeggen dat wij niet zozeer uit kostenoverwegingen moeten samenwerken, maar vanuit het oogpunt van efficiency. Wat is er nou efficiënter voor het meer gebruikmaken van het NAVO-bondgenootschap als wij deze middelen gaan dupliceren in EU-verband? Daar is de minister immers ook druk mee bezig. Kan de minister uitleggen waarom hij toch doorgaat op de EU-toer en wat minder zou kunnen overhouden voor de NAVO?

    30 november 2011 omstreeks 17:12 via Begroting Defensie - Link - Delen

  10. Hans Hillen (CDA)

    Dat valt wel mee. Nederland is geen grote fan van het opbouwen van een EU-commandostructuur. Ik steek wel in op het punt van het EDA en defensiesamenwerking; vanuit Europa wordt samenwerking immers ook gestimuleerd. Daarbij gaat het niet om het ergens opzetten van een duur bolwerk, dat ons alles gaat voorschrijven. Het gaat hoogstens om het voeren van een agenda en om het aan elkaar knopen van middelen voor ons, zodat de totstandkoming van samenwerking wordt bevorderd. Het EDA is een goed werkend orgaan dat met goede initiatieven komt; ik ben daar althans tot nu toe zeer tevreden over. Als dat ertoe leidt dat landen die elkaar anders niet gevonden zou hebben, elkaar vinden dankzij het EDA, als een soort makelaar, vind ik dat best een goede manier van samenwerken.

    30 november 2011 omstreeks 17:12 via Begroting Defensie - Link - Delen

  11. Marcial Hernandez (PVV)

    Ik heb het niet alleen over het EDA, het NAMSA en al dat soort instellingen. Het gaat ook om gevechtskracht. De EU-Battlegroup is al met pijn en moeite op te brengen. Die fietst dus eigenlijk recht door de NAVO-inspanningen heen. De middelen worden uit dezelfde pool gevist. Ik ben benieuwd of de minister kan uitleggen dat dit elkaar niet bijt en waarom wij niet alleen op de NAVO-capaciteiten insteken maar toch dingen dubbel gaan doen in EU-verband.

    30 november 2011 omstreeks 17:14 via Begroting Defensie - Link - Delen

  12. Hans Hillen (CDA)

    Ik wil proberen om dubbeltellingen of dubbelmomenten zo veel mogelijk te vermijden, maar soms zijn zij echt nodig. De piraterij is een voorbeeld van waar het elkaar goed aanvult en waarvan ik blij ben dat dit gebeurt. In Atalanta gaat het om de EU en Ocean Shield is van de NAVO. Als de NAVO het alleen had gedaan, waren we echt veel middelen tekortgekomen. De EU en de NAVO vullen elkaar aan. In dat geval hebben wij als EU, als Europese gemeenschap, voor de kust van Somalië een groter belang. Ik vind dat dit goed gaat. Vervolgens ga ik bekijken hoe de commandovoering in de praktijk werkt. De schepen die daar varen, hadden immers ook onder NAVO-commando kunnen staan. Hoe werkt dat in de praktijk? Er is een bijna naadloze aaneenschakeling van de commandostructuur, waarbij de EU en de NAVO alles met elkaar uitwisselen en ervoor zorgen dat zij letterlijk en figuurlijk niet in elkaars vaarwater komen en dat er zo efficiënt mogelijk kan worden geoperereerd.

    30 november 2011 omstreeks 17:14 via Begroting Defensie - Link - Delen

  13. Arjan El Fassed (GroenLinks)

    Ik heb een vraag over samenwerking. De minister noemde al de voertuigen, vaartuigen en vliegtuigen, maar ik wil het graag hebben over cyber defence. De Scandinavische landen zijn op dat punt al begonnen met een initiatief. De Baltische staten sluiten zich daarbij aan. Het lijkt mij zo mooi als ook Nederland zich aansluit bij die samenwerking. Dat bespaart niet alleen geld.Je kunt heel mooi kennis en kunde delen over het grensoverschrijdende probleem van de cyberdefense.

    30 november 2011 omstreeks 17:16 via Begroting Defensie - Link - Delen

  14. Hans Hillen (CDA)

    In principe ben ik dat helemaal eens met de heer El Fassed. De vraag is alleen wat je elkaar te bieden hebt. Als wij daar alleen maar naartoe gaan om aan de mem te hangen van de anderen die het al bedacht hebben en vervolgens zelf niets toevoegen, hebben we daar natuurlijk niets aan. Dan zien de anderen ons ook niet graag komen. Wat in de wereld van cyber telt is eigenlijk een beetje vergelijkbaar met rechercheurs. Zij laten elkaar elkaars boekjes zien op het moment dat ze daar allebei voordeel van denken te hebben. Cyber is nog zo jong en zo in ontwikkeling dat we volgens mij moeten zoeken naar samenwerking en signalen moeten afgeven dat we elkaar nodig hebben. Tegelijkertijd moeten we zelf hard werken, zodat we ook werkelijk wat te bieden hebben. Daar komt nog bij dat de Nederlandse ligging heel bijzonder is. Wat dat betreft kan het voor andere landen heel belangrijk zijn om naar ons te kijken, omdat Nederland het belangrijkste knooppunt is van de internationale internetwegen. Dit wil zeggen dat heel veel cyberactiviteiten onder, over of door Nederland heen plaatsvinden. In die zin kan Nederland een heel belangrijke cyberspeler worden. Dat moeten wijzelf dus ook goed weten.

    30 november 2011 omstreeks 17:17 via Begroting Defensie - Link - Delen

  15. Arjan El Fassed (GroenLinks)

    De minister haalt de woorden uit mijn mond. Dat is een extra argument om de samenwerking juist te zoeken. Wij hebben namelijk niet alleen wat te bieden, maar we zijn ook een knooppunt. Het lijkt me zo mooi om Europees samen te werken ten aanzien van de cyberdefense.

    30 november 2011 omstreeks 17:19 via Begroting Defensie - Link - Delen

  16. Hans Hillen (CDA)

    Dat ben ik dus met de heer El Fassed eens. Het punt is alleen dat het in de praktijk meer multilaterale samenwerkingen zijn. Dat zul je voortdurend zien in die samenwerking. De landen die het met elkaar kunnen vinden, zullen het met elkaar doen. Als je het Europees organiseert, komt het namelijk meestal niet van de grond en wordt het voornamelijk bureaucratisch, omdat de individuele landen dan iets wordt voorgeschreven waar ze net geen trek in hebben. Zij kijken naar het voordeel. De heer El Fassed kan wat dit betreft van mij aannemen dat Nederland internationaal in de voorhoede loopt. Voortdurend als wij ergens op een bijeenkomst zijn, schuimen wij de tafeltjes af en vragen wij of men nog wat heeft en zeggen we wat wij hebben. We proberen dan op tal van onderwerpen met elkaar aan de praat te komen en te bekijken of we dingen echt samen kunnen doen. Ik zal dadelijk het een en ander opnoemen. Als we dit met elkaar goed ontwikkelen kan Europa volgens mij, praktisch gezien, een heleboel interessante vormen van samenwerking ontwikkelen zonder dat daar bureaucratische sturing voor nodig is. Wat dat betreft moeten er nog heel wat schapen over de dam komen.Veel leden hebben het voorbeeld van het poulen van capaciteit genoemd. Bij mijn bezoek aan het buitenland stel ik dit voortdurend bij mijn collega's aan de orde. Onlangs heb ik met de Noorse en Deense ministers van Defensie gesproken over samenwerking bij de vervanging van de F-16. Dat was een uitstekende bijeenkomst in Zweden in een prachtig kasteel. De sfeer was daar uitstekend. Daar is dit soort dingen aan de orde gekomen. Uiteraard neemt het huidige kabinet, zoals afgesproken, geen beslissing over de aanschaf van een vervanging van de F-16. Dat wil niet zeggen dat je niet aan het aftasten bent hoe de andere landen daarmee omgaan. Denemarken heeft net een nieuwe regering gekregen. Daar zal blijken of de nieuwe Deense regering dezelfde standpunten inneemt als de voormalige Deense regering. Noorwegen moet ook zo zijn afwegingen maken. We tasten dus bij elkaar af hoe we erin staan en of we samen kunnen werken als we die en die richting ingaan. Het valt mij op dat die landen interesse hebben. Ik heb al gezegd dat wij uiteraard nog geen beslissing nemen, maar het is niet verkeerd om bij elkaar af te tasten en te bekijken of je op een informele manier vast een eindje kunt komen. De bereidheid om hierover na te denken was tot voor kort niet vanzelfsprekend. Die is nu wel vanzelfsprekend. Dat alleen al vind ik positief.

    30 november 2011 omstreeks 17:20 via Begroting Defensie - Link - Delen

  17. Jasper van Dijk (SP)

    Ik weet niet of de minister kennis heeft genomen van het artikel "Vliegers willen JSF niet delen" uit een populair ochtendblad. Dat stuk is, zeg maar rustig, vernietigend over de zaak waar de minister net over spreekt. Het komt er eigenlijk op neer dat men binnen de luchtmacht zegt dat als dit doorgaat, dit het einde is van de zelfstandige luchtmacht. Het draagvlak voor het samenwerkingsplannetje van de minister is op zijn minst klein te noemen. Wat is de reactie van de minister hierop?

    30 november 2011 omstreeks 17:24 via Begroting Defensie - Link - Delen

  18. Jasper van Dijk (SP)

    Je mag geen au zeggen voordat je pijn hebt. Is dat wat de minister zegt tegen zijn mensen van de luchtmacht?

    30 november 2011 omstreeks 17:25 via Begroting Defensie - Link - Delen

Over dit debat

Bericht van de makers

“Onze medewerkers moeten eerst op training voordat ze ons intranet begrijpen. Dat moet toch beter kunnen!”

Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken. Zo bespaart u veel geld op trainingen. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?