Debatitem
Voorzitter. De fractie van de Partij voor de Vrijheid onderschrijft het belang van het Verdrag inzake clustermunitie dat ervoor moet zorgen dat deze vorm van munitie, die ernstig en onnodig leed veroorzaakt bij burgers, zo veel mogelijk wordt teruggedrongen. In het verdrag is opgenomen dat het voor partijen die het verdrag hebben getekend en geratificeerd verboden is om die clustermunitie te gebruiken, te ontwikkelen, te produceren, anderszins te verwerven, op te slaan of over te dragen. Tevens strekt de verbodsbepaling ten aanzien van clustermunitie zich ook uit tot het assisteren bij, aanmoedigen van of aansporen tot een activiteit die op grond van het verdrag verboden is.
Inmiddels hebben meer dan 100 landen het verdrag ondertekend. Het zal binnenkort in werking treden. Er is echter ook nog een aantal landen dat clustermunitie produceert of bezit. Die zijn dus nog niet toegetreden tot het verdrag. De minister gaf eerder aan dat Nederland via diplomatieke kanalen de landen die het verdrag nog niet ondertekend hebben, zal aansporen om dat zo spoedig mogelijk te doen. Kan de minister hierop een toelichting geven? Wordt dit inmiddels gedaan? Zijn er al openingen gecreëerd of wordt er gewacht tot het verdrag daadwerkelijk voor ons land in werking is getreden?
In artikel 7, de leden 11 en 12 van het verdrag is aangegeven dat de betrokken staten binnen 180 dagen nadat het verdrag in werking is getreden, de VN dienen te informeren over de implementatie van het verdrag. Volgens de bepalingen van het verdrag volgt daarna een jaarlijkse rapportage. De PVV verzoekt de minister om toe te zeggen dat de Tweede Kamer in hoofdlijnen over deze rapportages wordt geïnformeerd.
De heer Van Dijk heeft een amendement ingediend. Dit strekt ertoe, te bewerkstelligen dat de verboden van het verdrag ook van toepassing zijn op het doorvoeren van clustermunitie op Nederlands grondgebied of via het Nederlandse luchtruim. De heer Van Dijk stelt artikel 1a voor. Hij knoopt in dat kader juridisch aan bij artikel 1 onder c van het verdrag. Ik heb daar nog een vraag over en geef daarom een concreet voorbeeld. De Verenigde Staten zijn geen partij bij het verdrag en zijn mijns inziens ook niet van plan om dat binnenkort te worden. Stel dat de Verenigde Staten via het Nederlandse luchtruim clustermunitie willen vervoeren. De heer Van Dijk wil dit met zijn amendement onmogelijk maken of in ieder geval verbieden. In artikel 1 onder c van het verdrag lees ik dat het verboden is voor een staat die partij is, in dit voorbeeld dus Nederland, om enige activiteit die op grond van dit verdrag verboden is voor een staat die partij is, te steunen. Hoe moeten wij dit lezen? Er staat: activiteiten die verboden zijn voor een staat die partij is. Dit slaat dus juist niet op de Verenigde Staten, want die zijn geen partij. Dit is een restrictieve uitleg van deze bepaling van het verdrag. Ik vraag daarom de minister om aan te geven of dit een juiste uitleg is. Of vindt de minister dat er een ruimere uitleg moet worden gehanteerd die de werking van het amendement dat de heer Van Dijk voorstelt, mogelijk maakt? Uiteraard vraag ik de minister ook om de juridische onderbouwing van zijn zienswijze nader toe te lichten, zodat wij overtuigd kunnen geraken van de visie van de heer Van Dijk of juist van de beperkte visie.
30 juni 2010 omstreeks 20:16 via Clustermunitie - Link - Delen
Uit deze ongecorrigeerde tekst mag niet worden geciteerd. Aan deze tekst kunnen geen rechten worden ontleend.
“Onze medewerkers moeten eerst op training voordat ze ons intranet begrijpen. Dat moet toch beter kunnen!”
Wolq helpt om software en het web gebruiks-vriendelijker te maken. Zo bespaart u veel geld op trainingen. Ook bedenken wij innovatieve oplossingen, zoals Publitiek, voor complexe vraagstukken.
Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen?